Login

CAPTCHA
Deze vraag dient om na te gaan of u een menselijke bezoeker bent teneinde spam inzendingen te vermijden.
16 + 4 =
Solve this simple math problem and enter the result. E.g. for 1+3, enter 4.

België veroordeelt Bénédicte tot ballingschap wegens… moederschap

Het is een hallucinant verhaal. Sedert meer dan twee jaar zit Bénédicte Van De Sande klem in Nepal met haar geadopteerde dochter, Dipika. Ze mag niet terug naar België omdat de aardige kleine Nepalese die ze uit de weeshuis haalde, die ze met flesje gevoed heeft, die ze opgevoed heeft, en van wie ze onbetwistbaar de moeder is, geen visum krijgt.  Haar enige optie om terug naar haar woonplaats te Brugge terug te mogen keren is onmenselijk : het kind terug aan een Nepalees weeshuis te geven of haar op straat achter te laten. Onmogelijk, onmenselijk. En onwettelijk. Gezien ze nu «officieel» de moeder is van Dipika zou ze dan (en gelukkig nog) een misdaad begaan in de ogen van het Nepalees gerecht. Vandaag is Bénédicte dus in ballingschap in Nepal, een van de armste landen ter wereld, waar je water systematisch moet koken vooraleer je het gebruikt, en land van knokkelkoorts, malaria, cholera en waar geneeskunde zeker niet vergelijkbaar is met de onze. En dat, met de kleine Dipika die een hartprobleem heeft dat hier gemakkelijk te behandelen zou zijn, maar daar in de Himalaye nog levensgevaarlijk is. De Nepalezen mogen trouwens rekenen op een levensverwachting van amper 69 jaar. Bénédicte zit daar alleen met haar kind, hopeloos, totaal in de steek gelaten door haar eigen land, België. En dat allemaal omdat ze een moeder wou worden.


Om het Bénédicte toch noch een beetje leefbaar te maken, moet haar echtgenoot Gyanendra — een Nepalees die sinds 2001 in België leeft en in Brugge een bloeiende handelszaak heeft geopend — bijna het hele jaar door in België werken, en haar regelmatig geld sturen. Om haar financieel te kunnen steunen kan dus maar vijf weken per jaar in Katmandu blijven. Het vlucht blijft immers vrij duur. Net vijf weken op tweeënvijftig weken, is Dipika niet vaderloos. Net vijf weken op tweënvijftig kan een foto zoals hieronder getrokken worden: die van een gelukkig kind met papa en mama (zo noemt ze hen). En de rest van het jaar moet Bénédicte haar plan trekken in en stad en een land waar zij een buitenlander is. Hulp mag zij van enkele buren verwachten, meer niet. Zelfs in het Belgisch consulaat is ze niet echt van harte welkom. België is een staat die zijn burgers achterlaat.
 

De Nepalese man in België, de Belgische vrouw in Nepal.
Om haar toestand uit te leggen heeft Bénédicte ooit een brief geschreven aan minister Vandeurzen (bevoegd voor gezinszaken in de Vlaamse regering), christendemocraat, en twee aan Elio Di Rupo, socialist. Ze kreeg enkel een antwoord van de eerste minister. Samengevat : wij begrijpen uw toestand, maar vraag aan de bevoegde minister. Tja, maar dat had ze al gedaan, zonder resultaat. Dus, weer de tunnel in. Wat met haar gebeurt is echter nog katholiek, noch sociaal. Maar haar vonnis is uitgesproken, Vreemdelingenzaken heeft beslist. De Vlaamse Centrale Overheid heeft beslist. De Belgische ministerie van Justitie heeft beslist : ze zal haar leven voortaan in Nepal moeten doorbrengen, oftewel haar dochter nalaten. Dat heet ballingschap. Ik dacht dat het een ouderwetse straf was. Blijkbaar niet, dus. En wist u maar waarom ze de volle laag heeft gekregen !
Wat ze deed, haar «misdaad» is zelfs niet onwettelijk. Het komt alleen niet overeen met de regels, de administratieve beslissingen, of hoe een aantal ambtenaars adoptie in Nepal beschouwen. Daarom heeft België beslist : geen terugkomst. Nooit.


Veroordeling zonder misdaad
Haar misdaad ? Ze heeft een kleine, lieve Nepalese wees geadopteerd terwijl Kind en Gezin net één maand vroeger dergelijke adopties had stopgezet. Ook de dossiers die al 5 jaar lopend waren werden gesloten, zoals die van Bénédicte en Gyanendra. Het gekste in dit verhaal is dat de Franstalige Gemeenschap (nu Fédération Wallonie-Bruxelles) de bestaande Nepalese adoptie projecten wél heeft laten doorgaan voor enkele gelukkige ouders. Volgens de statistieken zijn zelfs nog zeven kinderen uit Nepal via de «Franstalige» ONE (de Franstalige Kind en Gezin) in België geland in… 2012 ! Gezien de adoptie van Dipika in 2011 niet werd erkend door Kind en Gezin (hun slogan «Kind is Koning» wordt bij deze zaak iets minder geloofwaardig), werd ze ook verworpen door de Vreemdelingenzaken in 2012, en kreeg Dipika dus geen visum. Anekdote : onze Belgische administratie stuurde haar beslissing naar een verkeerd adres, zo wist Bénédicte pas een jaar later dat haar toestand hopeloos was. Van de ministerie kreeg ze toen «excuses». Intussen zit Bénédicte Van De Sande alleen, bitter, en tracht ze haar wanhoop voor haar te houden, om Dipika niet te ontwrichten. Maar het wordt met de dag moeilijker.


Natuurlijk kan men begrijpen dat Kind en Gezin en België bedenkingen hebben over de adoptie van Nepalese kinderen. Nepal heeft op dat gebied een zeer slechte reputatie. Ongeletterde ouders zouden hun kinderen naar weeshuizen hebben laten brengen tegen het belofte dat ze daar een «betere opvoeding» zouden krijgen. Maar die kinderen zouden door de kindertehuizen dan als wees aangegeven zijn, waarna ze door buitenlandse families werden geadopteerd. In het algemeen verklaarden de weeshuizen dan dat het kind werd «gevonden». Daarom werden adopties van vondelingen door Kind en Gezin niet meer aanvaard en dat is inderdaad een niets dan normale beslissing. Maar het geval van Dipika is anders. Ze was geen 4, 6 of 8 jaar toen ze werd gevonden : ze was pas één maand oud. Ze lag alleen in een tempel. Een man bracht ze naar de politie. De politie publiceerde haar foto in Nepalese kranten. Niemand kwam haar opvragen. De foto’s van de haast pasgeboren vondeling bewijzen dat.


Terug naar weeshuis ?
Dipika werd dus naar een weeshuis overgebracht. Twee jaar later zat ze daar nog. Toen hoorden Bénédicte en Gyanendra van een Nepalese advocaat dat ze in aanmerking kwam voor adoptie. Nu, twee jaar later, zijn ze haar officiële ouders. Vier jaar na haar geboorte, dus. En tot nog toe heeft niemand haar opgeëist. De kans dat zij dus werkelijk werd verlaten door haar ouders kan moeilijk hoger zijn. Er is sowieso altijd een deel onzekerheid bij adopties. Maar sedert twee jaar heeft Dipika wel een mama en een papa. Hen van haar nu afpakken zou onuitsprekelijk wreed zijn. Maar dat is inderdaad wat de Centrale Vlaamse Overheid, de Federale Staat, de Ambassade van New Delhi en het consulaat van België in Katmandu als enige mogelijkheid aan Bénédicte voorstellen : het kind verlaten, Dipika terug in het kindertehuis plaatsen om aan andere mensen geven, alle banden — hoe teder en moederlijk ook — verbreken om eindelijk het recht te hebben terug naar haar moederland te keren waar haar kind Dipika ongewenst is. Dit is wat men hier «de beschaving» durft te noemen.


Hoe is het zover kunnen komen ? Het verhaal is tragisch. En vol onschuld. En humaan. Het gaat om moederschap, vaderschap. In 2005 kregen Bénédicte en Gyanendra te horen dat ze geen kinderen konden krijgen. Toen stelden ze dus kandidaat voor adoptie. Ze stapten op de lange, zware administratief parcours die alle kandidaten voor adoptie kennen : familiaal onderzoek, psychologische onderzoek, financiële onderzoek, bewijs van goed gedrag, enz. Ze kregen een goedkeuring en hoorden dat hun dossier zelfs kwalitatief hoog scoorde. Van het begin af hadden ze besloten (en gevraagd) om een Nepalees kind aan te nemen. Gyanendra is Nepalees. Het kind zou dus een vader hebben met gelijkaardige trekken. Hij zou haar roots begrijpen en haar uitleg kunnen geven over haar oorspronkelijke cultuur. Ze zou haar dubbele cultuur kunnen ontdekken en beleven. Haar «oertaal» zou niet vergeten zijn (ze spreekt Nepalees, Engels, Frans en leert stilletjes aan Nederlands). Daarbovenop bleek dit ambitieus doel ook goed : er zijn ongeveer 650.000 wezen in Nepal, dat trouwens een hel voor kinderen is : 38% van de kleine meisjes moeten werken (30% van de jongetjes). Jaarlijks sterven 34.000 kinderen van minder dan 5 jaar. Een vierde van de bevolking leeft met minder dan 1,5 $ per dag. De BBP (PPA) blijft bij 100 dollars per maand (30$ in absolute cijfers). Bénédicte et Gyanendra hebben dus de indruk dat zij iets goeds doen.


Vijf jaar wachten… voor niets.
Maar tussen 2006, het jaar waar zij vatbaar voor adoptie werden verklaard, en 2011, werd geen kind aan het koppel voorgesteld. En dat terwijl Nepal wel meerdere dossiers heeft gestuurd naar Kind en Gezin, waaronder die van Dipika, in 2010. Kind en Gezin heeft die dossiers niet overgedragen aan (oa.) Bénédicte en Gyanendra. De verantwoordelijke voor hun project was blijkbaar niet te spreken over het adopteren van buitenlandse kinderen en in het bijzonder van Nepalese wezen.


Maart 2011. Het Brugse koppel krijgt van een Nepalese advocaat te horen dat oa. een dossier van een zekere Dipika (waar ze daarvoor nog nooit van gehoord hadden) reeds vijf maanden voordien bij Kind en Gezin was geland, terwijl ze al vijf jaar aan het wachten waren zonder enig voorstel. Wanhopig, hun vertrouwen in de Vlaamse overheid verloren, besloten Bénédicte en Gyanendra om zelf naar Katmandu te gaan om de adoptieprocedure aan te vangen. Het dossier van het kind werd naar het Engels vertaald, dan naar het Nederlands. De adoptie ging in april plaatsvinden. Maar in maart zette Kind en Gezin alle adopties in Nepal stop, ook de lopende dossiers, ook diegene waarvoor adoptanten al vijf jaar wachtten. Stop. Punt aan de lijn. Bénédicte en Gyanendra konden de beslissing niet aanvaarden. Hun toekomst als ouders was al weer om zeep. Dan probeerden ze iets anders : Gyanendra had nog altijd de Nepalese nationaliteit en ze wisten dat, aan de Franstalige kant, de adoptie nog altijd mogelijk was. Ja maar… zij woonden (en wonen) in Brugge, en dat veranderde alles. Het ernstigste is dat de adoptanten niet echt beseften dat de taalgrens ook een grens van waarden en principes  was geworden. En hoewel Vlaanderen veel hoger scoorde in de promotie van een pak moderne waarden (euthanasie, holebi’s, enz.) was hier een nieuwe mode ontstaan, een fashionable uitdrukking die de politiek veroverd heeft : «het been stijf houden» heette het. Dat is wat nu belangrijk is! De kaap houden! Wet is koning, burger en kind, steeds minder! De administratieve beslissingen moet men 100% respecteren! Wat het ook mag kosten voor de individuele burger, voor het kind, voor Dipika.


Hard, harder, hardst
Zo weinig mogelijk denken, zo weinig mogelijk durven, zo weinig mogelijk doen. «Wat zou de kiezer denken moesten we nu eens een uitzondering doen voor een moeder, zeg !» luidt het blijkbaar in het hoofd van de hedendaagse politicus. Resultaat : van Vlaams, Vlaamser, Vlaamst is men overgestapt naar hard, harder, hardst. Het is misschien tijd om uit te leggen dat een te stijve been op de duur lam wordt. De werkelijkheid is al hard genoeg. «Ballingschap» is maar een woord, denkt men. Voor Bénédicte is het echter dagelijkse kost. Letterlijk : het kost haar dagelijks. Kan het iets menselijker, beste politici ?
Let op. Ik zeg niet dat alles en nog wat moet aanvaard worden. In 2011 konden Bénédicte en Gyanendra niet zomaar hun eigen weg gaan, hoe begrijpelijk hun houding ook kon zijn. Maar we mogen ook hopen dat het Belgisch Consulaat hun geval als uitzonderlijk zou beschouwen en de pak papieren en juridisch goedgekeurde vertalingen ervan die het koppel voorlegde niet als waardeloos bekijken. En door een degelijke, uitzonderlijke oplossing voor te stellen zouden Vlaanderen en België een sympathieker gelaat hebben getoond. Dat was uit den boze.


Ouders omarmen wordt abnormaal
Okee, laat ons dan stellen dat een fout, zelfs met de beste intenties, moet «betaald» worden. Maar dat Bénédicte twee jaar later door haar eigen land in Katmandu wordt achtergelaten, in ballingschap, zonder enige oplossing in zicht, dat de ambassade in Delhi haar niet wilt helpen, dat is onaanvaardbaar. Want dat zou betekenen dat het Belgische staatsburgerschap een vodje papier zonder humane waarde is geworden. En ons land — zij het nu België, Vlaanderen, Wallonië, aan u de keuze - is toch meer waard dan dit. Het is te hopen dat minstens één Vlaams of federaal parlementslid de zaak ter harte neemt, de ministeries activeert. Deze zaak toont dat wetten en regels naar de letter toepassen rechtstreeks naar kafkaiaanse toestanden leidt. Een sterke uitdrukking, zult u me zeggen. Nee, naast wat Bénédicte dagelijks meemaakt, naast haar wanhoop, naast haar verplichte ballingschap, is «kafkaiaans» maar een reeks lettertjes.


Onze regeringen zijn tegelijk sociaal, christelijk en liberaal. Allemaal mooie termen. Met mooie waarden. Ook bij de N-VA staat het concept «samenleving» hoog in het vaandel. En hoewel ik regelmatig kritiek heb voor deze partij geloof ik dat zij evenwel uit «mensen» bestaat». Laat ons deze mooie waarden even op de eerste rij zetten. Laat ons bewijzen dat wij erin geloven. Dat een burger meer waard is dan een reglement. Laat ons een degelijke, humane oplossing voor Bénédicte, Dipika, Gyanendra vinden. Daar kan niemand zich van schamen, integendeel. Maak daar werk van, vlug. Dat kindje, haar glimlach — wanneer ze voor een paar weken papa en mama mag omarmen — is die moeite waard.

Tags: