Login

CAPTCHA
Deze vraag dient om na te gaan of u een menselijke bezoeker bent teneinde spam inzendingen te vermijden.
3 + 14 =
Solve this simple math problem and enter the result. E.g. for 1+3, enter 4.

WATERELLENDE VAN MORGEN WORDT VANDAAG GEORGANISEERD

Al dan niet legale ophoging van grond komt in Vlaanderen nog veel voor. Dat blijkt uit verschillende voorbeelden die BBL, Natuurpunt en lokale milieuverenigingen vandaag in heel Vlaanderen aan het licht brengen. In bepaalde regio’s gaat het om landbouwers en privé-eigenaars die geen blijf weten met oogstresten, steenpuin en ander afval. Zij beschouwen oeverzones, vennen en poelen als de ideale stortplaats voor het dumpen van het afval. In andere regio’s doet men actief aan grondverzet met het oog op intensiever landgebruik, vooral voor de landbouw.

De grondoverschotten zijn vaak afkomstig van grote infrastructuurwerken waarbij aannemers op zoek gaan naar goedkope berging. De aannemers komen vaak terecht bij privé-personen en boeren die een gemakkelijke oplossing zien om hun eigen waterprobleem aan te pakken. Zo zijn boeren vaak vragende partij tot ophoging van natte laaggelegen weilanden, met het oog op intensiever landgebruik.

Watertoets blijft dode letter

In veel gevallen wordt er voor het opvullen van beekvalleien geen stedenbouwkundige vergunning aangevraagd. Waar dat wel gebeurt, gaat de betrokken overheid in de fout. Elk nieuw initiatief waarvoor er een vergunning nodig is, moet door de beslissende overheden (gemeenten en provincies) aan de ‘watertoets’ worden onderworpen. Die is ingesteld via het Decreet integraal waterbeleid om het risico op wateroverlast terug te dringen. Toont de watertoets aan dat deze ophogingen ruimte voor water doen verminderen dan moet op een andere locatie, liefst binnen hetzelfde deelbekken, een gelijke oppervlakte voorzien worden waar water natuurlijk kan infiltreren en overstromen. Een netto vermindering van  het waterbergend vermogen moet vermeden worden. De globale impact van het verlies aan ruimte voor water mag niet onderschat worden. Vele kleine verliezen aan ruimte voor water, veroorzaken samen een grote impact op versnelde afstroming benedenstrooms. Dat doet het overstromingsgevaar gevoelig toenemen. In de praktijk gebeurt deze compensatie echter niet. De watertoets blijft nog te vaak dode letter. De besturen die de vergunningen toch verlenen, organiseren zo de overstromingen en de waterellende van morgen.

Strengere handhaving

Ophogingen van beekvalleien, laaggelegen weilanden en akkers gaan gepaard met reliëfwijzigingen. Daarvoor is een stedenbouwkundige vergunning vereist. De milieubeweging vraagt dat illegale ophogingen permanent opgespoord en vastgesteld worden via een proces-verbaal door de stedenbouwkundige inspecteurs en de bevoegde ambtenaren van de provincies.

Ecologische toets bij afleveren stedenbouwkundige vergunning

Het storten van grond, steenpuin en ander afval is niet alleen nefast voor de waterhuishouding in de getroffen gebieden. Ook de natuur heeft zwaar te lijden onder de praktijk. Gemeenten en provincies die een stedenbouwkundige vergunning afleveren voor reliëfwijzigingen van de bodem, dienen maatregelen te nemen om de schade aan de natuur te voorkomen. Legaal storten van afval en ophogingen in waardevolle vallei, natuur, landschappelijke gebieden en buffergebieden dient ten allen tijde vermeden te worden.

Strikte toepassing van de grondverzetregeling

Het is ook onduidelijk hoe zuiver deze opgehoogde gronden zijn. Om verspreiding van verontreinigende grond tegen te gaan, is er sinds 2004 de grondverzetregeling in werking. Deze regeling bepaalt dat wanneer grond van mogelijks verontreinigende percelen verzet wordt of in grote hoeveelheden (> 250 kubieke meter) wordt uitgegraven, de bouwheer moet onderzoeken of de uitgegraven grond verontreinigd is. De vraag stelt zich of bij ophogingen van beekvalleien de grondverzetregeling wordt toegepast.

CONCREET VOORBEELD

In Aalst in de Merestraat-Blauwenbergstraat wordt door de overheid oogluikend toegestaan, meer nog, aangemoedigd, dat onder het mom van een “tijdelijke werf” een reusachtige breekwerf en opslagplaats wordt uitgebaat in de ecologisch waardevolle Siesegembeekvallei.

Dat de beekvallei waardevol is en moet beschermd worden staat buiten kijf. Het behoud en de bescherming van deze beekvallei werd door de plaatselijke politici zelfs als argument naar voor geschoven om de bestemming van de Siesegemkouter als bedrijventerrein te rechtvaardigen en werd dan ook in bindende wettelijke bepalingen vastgelegd.

Niettegenstaande werd door het vroegere stadsbestuur toegestaan dat naar aanleiding van wegenwerken in Nieuwerkerken een gedeelte van de beekvallei in gebruik werd genomen voor opslag, recyclage en bewerking van uitgravingsgronden en uitbraakmaterialen.

Ondertussen zijn de werken in Nieuwerkerken lang afgelopen maar wordt de breekwerf verder uitgebaat voor werken in de verre omgeving, o.m. voor een werf in Herdersem.

Dat ten koste van de ecologische waardevolle beekvallei waarbij de beek zelfs werd afgedamd. Naast de beschadiging van de beekvallei, wordt op die wijze ook de waterhuishouding volledig verstoord. Ook andere milieuregels die voor dergelijke inrichtingen normaal verplicht zijn worden niet nageleefd. Omdat het een “tijdelijke” inrichting is zouden er geen regels gelden. Op basis van een lakse en duidelijk onjuiste interpretatie van de wetgeving wordt op die wijze ook gesteld dat voor dergelijke activiteiten geen bouwvergunning of milieuvergunning nodig is, zodat er ook geen enkel inspraak mogelijk is. Aan klachten wordt door het plaatselijk bestuur dan ook geen gevolg gegeven.

En dat juist in aangelegenheden waar de overheid het goede voorbeeld zou moeten geven. Betreffende tijdelijke werven (de betreffende werf is geen alleenstaand geval) sluiten immers meestal aan bij grote wegenwerken die in opdracht van de overheid worden uitgevoerd. In de betreffende bestekken wordt geen goede oplossing voorzien en op die wijze worden de aannemers aangespoord om zelf een goedkope oplossing te voorzien, meestal in kwetsbare gebieden of in de schaarse open ruimte en ten koste van o.m. milieumaatregelen.

De oplossing?

De overheid moet bij het plannen van haar eigen werken het goede voorbeeld geven, de nodige, daartoe vergunde terreinen voorzien en minstens haar eigen  wetgeving en regels inzake milieu en ruimtelijke ordening nakomen.

RALDES 

 


 

Gepubliceerd door: 

Tags: