Login

CAPTCHA
Deze vraag dient om na te gaan of u een menselijke bezoeker bent teneinde spam inzendingen te vermijden.
1 + 4 =
Solve this simple math problem and enter the result. E.g. for 1+3, enter 4.

Manifest van Hemelveerdegem

In de jaren 70 ging ik graag naar het plaatselijk jeugdhuis en de dito wereldwinkel, beiden gelegen in de wijk 'Flora' in Merelbeke. Dat waren zowat de plaatselijke laboratoria waar allerlei nieuwe ideeën uitgebroed werden.  De wereldwinkel deed toen meer dan derde wereldproducten verkopen. Behalve een biologische moestuin was er bijvoorbeeld ook een werkgroep rond wat dan 'alternatieve energie' genoemd werd. In de naweeën van de energiecrisis (1973) en het rapport van de Club van Rome (1972) voelden meer en meer mensen de behoefte om rond die milieuvriendelijke energievormen te werken. Er werd gediscussieerd over zonne-energie, windmolens, ja zelfs over de mogelijkheid om energie op te wekken op basis van de getijdenwerking.

Sommigen experimenteerden zelfs met een windmolentje in hun tuin, men bezocht kleine projecten zoals een experimentele zonneboiler, men vroeg zich af of een windmolen nu best 2, 3 of 4 wieken moest hebben, en vanzelfsprekend moest iedereen het eerste huis verwarmd met zonne-energie (1975) gezien hebben, of toch minstens een foto ervan. Er heerste een optimistische pioniersfeer.

George Patfoort (1923-1994) was prof aan de VUB en een boegbeeld van de toenmalige ecologische beweging. Hij was de stichter en inspirator van de energofielen. Plaatselijke groepen werkzaam rond 'alternatieve energie' sloten er zich bij aan. De energofielen ontwikkelden daardoor slagkracht. Er kwamen studiedagen, handleidingen en brochures, uitwisselingen met buitenlandse groepen en allerlei projecten.

George Patfoort woonde in Hemelveerdegem, een deelgemeente van Lierde.  Onder zijn impuls kwam de 'Verklaring van Hemelveerdegem' tot stand. Niet minder dan 400 mensen ondertekenden deze verklaring.  Dat wijst op een aanzienlijke steun voor dit manifest. Omdat dit manifest vooral in onze streek ontwikkeld werd én omdat het nog niet aan relevantie ingeboet heeft geven we het integraal weer.

1.    De natuur is het geheel van goederen die niet door de mens zijn vervaardigd. Ze omvat water, bodem, lucht en de levende en niet-levende rijkdommen die zij bevatten. Zij omvat tevens de ruimte en de hemellichamen op het ogenblik dat die voor gebruik vatbaar worden.
2.     Iedere menselijke tussenkomst op het stuk natuur heeft invloed op het geheel en moet dus door het geheel van de menselijke gemeenschap geregeld worden.
3.     De natuur is gemeengoed van de gehele menselijke gemeenschap.
4.     De gemeenschap zal haar goed besturen als verantwoordelijk en goedaardig mens die zijn welzijn en de toekomst van de komende generaties op het oog heeft.
5.     De voorwaarden voor het zich ten nutte maken, het aanwenden of afwerken van natuurgoederen wordt door de gemeenschap geregeld, rekening houdend met de traditie en kenmerken van de streek, zodat het verbruik van uitputtelijke, niet herwinbare goederen, afgeremd wordt; de leefbaarheid van de toekomende generaties in het oog houdend.
6.     De gemeenschap regelt volgens het karakter en de aard van iedere streek de maximum waarde aan natuurgoederen die een enkel individu wettelijk kan bezitten zonder de gemeenschap te schaden. De gemeenschap regelt eveneens de voorwaarde van het nalatenschap.
7.     Geen enkeling, groep of natie heeft het recht op destructie, beschadiging of aantasting van enig natuurlijk goed of op verstoring van het ecologisch evenwicht, aangezien deze daden een delikt zijn tegenover de gemeenschap.
8.     Iedere exploitatie van uitputtelijke natuurgoederen, welke niet strekt tot algemeen nut of als dusdanig tot algemeen wordt aanvaard, is een delikt tegenover de gemeenschap.
9.     Indien voor het bewaren van het ecologisch evenwicht, voor het welzijn van de mens of om redenen van openbaar nut, natuurgoederen moeten worden vernield, zal dit niet gepaard gaan met aanmoediging, publiciteit, lofbetuiging, vermaak of winstbejag.
10.     Iedere winstgevende speculatie op een natuurlijk goed, is diefstal tegenover de gemeenschap. Indien een natuurlijk goed waardevermeerdering ondergaat, komt winst toe aan de gemeenschap.
11.  De wettelijke bezitters van natuurgoederen waken zorgvuldig over het bewaren van het ecologisch evenwicht en dragen er zorg voor dat de gebruikte natuurgoederen regelmatig aangevuld, vervangen of hersteld worden.
12.  Pragmatisch gebruikte termen als gemeen goed, bezitten, regelen, winst, verbruik e.d. doen niet af aan de werkelijkheid dat de mens zelf deel uitmaakt van de kosmos en in zijn samenleven met de natuur naar harmonie dient te streven.

Veel van deze ideeën vinden we terug bij hedendaagse auteurs zoals Naomie Klein, Edgar Morin, Ton Lemaire, maar ook bij actiegroepen zoals Gaia, Greenpeace, milieufront Omer Watez en zelfs bij politieke partijen.
Het manifest van Hemelveerdegem is ondertussen in de vergeethoek geraakt. Maar we mogen er toch een beetje fier op zijn dat er in onze streek pioniers waren op het vlak van ecologisch denken en handelen.

Wim Thienpont

Tags: