Met zijn warme stem, akoestische gitaar en verhalen over natuur, reizen en het leven wist Spring Creek Revival de jury van Denderklanken te overtuigen, en won hij de muziekwedstrijd van ‘Veel begint Bij Luisteren’ van vzw ‘t Uilekot. Achter die artiestennaam schuilt Jochen Keymeulen uit Aalst. Wij hadden een lang en relaxed gesprek over zijn muzikale parcours, inspiratie, de overwinning en de dromen die nog voor hem liggen.

Ruth: Proficiat met je overwinning! Voor wie Spring Creek Revival nog niet kent: wie is Jochen Keymeulen?

En omgekeerd brengt mijn muziek mij ook weer naar plaatsen waar ik anders nooit zou komen. Ik speel door heel Vlaanderen, op podia, wedstrijden en open mics. Omdat Spring Creek Revival een soloproject is, kan ik zelf bepalen hoeveel tijd ik erin steek.

Ruth: Die liefde voor natuur en reizen hoor je ook heel sterk terug in je nummers.

Jochen: Absoluut. De natuur is mijn grootste inspiratiebron. Ik ben letterlijk opgegroeid op campings. Mijn eerste kampeertrip was toen ik één jaar oud was. Daarna ben ik jarenlang actief geweest in de scouts, zelfs als groepsleider. En uiteraard ging de gitaar altijd mee op kamp.

Ruth: Hoe is jouw muzikale verhaal eigenlijk begonnen?

Jochen: Mijn eerste gitaar kreeg ik van mijn ouders voor mijn vormsel. Een rode Squier Stratocaster. Ik heb nooit muziekschool gevolgd en ik kan nog altijd geen noten lezen. Ik ben echt een kampvuurgitarist. Ik heb alles op mijn eigen tempo geleerd, eerst met enkele privélessen en later vooral via YouTube.

Vanaf mijn vijftiende speelde ik elke dag. Gitaar was een uitlaatklep waarin ik mezelf volledig kon verliezen. De eerste coverband waarin ik speelde noemde ‘Sinners Lane’, een veel te zware naam voor wie we waren. Daar was ik tweede gitarist. Ik zong toen ook helemaal nog niet. Ik dacht dat ik dat toen nog niet zo durfde, of er toch wat twijfels rond had, want ik heb dat eens op een repetitie geprobeerd, en toen zei de rest: gogh, misschien moeten we dat maar niet doen… , misschien moet jij maar gewoon gitaar blijven spelen (lacht).

Maar eigenlijk was dat wel wat ik voor ogen had. Als ik naar bands ging kijken dan was de frontman altijd diegene waar ik het meest naar opkeek. Daarna richtten we ‘Red Light Lucy’ op. Daar begon ik ook te zingen en eigen nummers te schrijven.

Ruth: Wanneer werd Spring Creek Revival geboren?

Jochen: Tijdens mijn studententijd in Gent. Ik had alleen een akoestische gitaar op kot en ben mezelf fingerpicking beginnen aanleren. Zo schoof ik vanzelf richting singer-songwriter.

Mijn eerste afgewerkte nummer, ‘Storyteller’, stuurde ik ooit naar een wedstrijd in Café De Loge in Gent. Ik won en mocht er meteen komen spelen… Dat was het eerste optreden onder de naam Spring Creek Revival.

Ruth: Weten ze op school dat mr. Keymeulen van het secretariaat muziek maakt.

Dat was begin vorig jaar, dus vorig jaar heb ik daardoor wel veel optredens gehad, en de zotste voorprogramma’s mogen doen. Voor Isabelle A en Dj Victor Verhulst onder andere. Het blijft dus gewoon leuk. En ik denk ook steeds: wat gaat er nu nog komen, kan er nu nog iets zotter komen?

© Diederik De Mezel

Ruth: Wat betekent muziek vandaag voor jou?

Hun manier van schrijven, met beelden en metaforen, heeft mij enorm beïnvloed. Dat probeer ik zelf ook te doen. Ik wil niet letterlijk vertellen waar een nummer over gaat. Iedereen mag zijn eigen verhaal in mijn muziek herkennen.

Een Belgische artiest die een grote inspiratiebron was voor mij is The Boney King of Nowhere.

Ik zag die toevallig in CC DE Werf in Aalst. Toen zat ik wel nog in een rockband. Maar ik zag Bram Van Parijs spelen en ik dacht: whauw, zo met een akoestische gitaar op een podium staan, dat is wel leuk wat hij hier brengt! Je moet niet staan power akkoorden rammen om iets cool te brengen. Ik denk dat het uiteindelijk een samenraapsel van al die dingen is waardoor ik het over een nieuwe boeg ben beginnen gooien. En dan is het misschien ook wel toeval dat mijn stem zich daar beter toe leende. Ik heb niet de luidste stem, maar misschien wel een unieker stemgeluid.

Ruth:  Waar haal je inspiratie voor je songs vandaan? Schrijf je vooral over persoonlijke ervaringen?

Jochen: Eigenlijk is alles autobiografisch. Soms veel, en soms weinig, maar er zit altijd wel iets in  van wat ik heb meegemaakt. Al verzin ik er soms zelf wel dingen bij. Wat me wel opvalt is dat mijn laatste songs “gelukkiger” zijn ofzo, dan die allereerste.

Ruth: Misschien ligt dat ook aan het ouder worden he. Als jong volwassene komt alles maar op je af, er zijn zoveel verwachtingen, ook van jezelf

Jochen: Awel ja, en ik denk dat je ook veel dingen voor de eerste maal een plaats moet kunnen geven. Uiteindelijk heb je dan wel referentiepunten uit het verleden voor latere ervaringen, die je kunnen helpen. Ik heb ook wel gemerkt dat het veel makkelijker is om vanuit een hevige emotie te schrijven. Extreem ongelukkige of ook extreem gelukkige momenten, dat gaat veel makkelijker.

Ruth: Wat doe je wanneer de inspiratie even wegblijft?

Jochen: Ik lees heel graag. Er is altijd wel een boek, en dat vormt ook een inspiratiebron. Meestal ook wel omdat het reisverhalen zijn. Ik heb de kans om veel op reis te gaan en ik daag mezelf daar dan ook wel in uit. Het zijn geen strandvakanties. De gitaar gaat niet mee. Maar ik neem wel een dagboekje mee, en daar schrijf ik dan in. Niet perse songteksten, maar gewoon wat ik daar aan het ervaren ben, of wat ik belangrijk vind. Dus ik weet dat ik als ik thuiskom daarmee aan de slag kan gaan. Dus misschien: inspiratie zoeken is gewoon op reis gaan, of een reis herbeleven, aan de hand van die dagboekjes of foto’s of filmpjes

Maar ik denk dat als ik echt geen inspiratie heb er ook niets gebeurt. Ik ga mezelf niet pushen, omdat ik weet dat het zo niet werkt. Ik voel geen druk of geen moeten in het schrijven van een nummer. En zo komen we bij iets wat heel belangrijk is voor mij: moest het een verplichting zijn, het zou me waarschijnlijk niet meer interesseren. Dat is het juist: de songs komen vanzelf omdat ze mogen komen, niet omdat ze moeten komen.

Ruth: Je won Denderklanken. Heb je lang getwijfeld om deel te nemen?

Het doel voor mij is niet persé die volgende ronde maar wel: je hebt nog eens een extra optreden, je komt nog eens op een andere plaats, je leert nog eens nieuwe mensen kennen, nieuwe muziek.

Ruth: Eigenlijk ben jij een beetje een moderne troubadour. Reizen, plaatsen ontdekken, overal naartoe gaan is echt de rode draad doorheen je verhaal.

Jochen: Ja, ik denk dat mij dat uit een sleur haalt. Allez, niet dat ik persé in een sleur zit, maar bv: vorig weekend heb ik in Moere gespeeld. Niemand hier weet waar Moere ligt. Dat is een deelgemeente van Gistel. Ik kende Moere niet, en ik kende Gistel ook niet. Ik wil maar zeggen, niemand belt ooit op een zaterdagavond zijn vrienden op en zegt: “kom, we rijden eens naar Moere en gaan daar in een jeugdhuis iets drinken”! Op die manier brengt mijn muziek me op toevalligheden en maak ik veel meer dingen mee. Er is ook een stamcafé in mijn leven hoor, en het is leuk om met vrienden naar plaatsen te gaan die je kent. Maar het is ook leuk om nieuwe plaatsen te leren kennen, nieuwe ervaringen op te doen.

Ruth: We zijn afgedwaald, letterlijk (gelach) we waren eigenlijk over de wedstrijd bezig

Jochen: Juist!Ik kende niet elke groep, maar ik wist bv wel dat Lottie meedeed. En zij is heel goed, dus ik wist dat het spannend zou worden.

En dan de avond zelf in Zottegem, bij Pasta & Blues. Gasmm is een band die ik eigenlijk goed ken. Dat zijn ook Aalstenaars. Met de zanger, Siemen, heb ik op kot gezeten. Het zou ook nergens voorvallen dat een band als Gasmm (Shoegaze-grunge-rock)en ik als singer- songwriter samen zouden spelen op hetzelfde podium.

Ruth: Dat was initieel niet de bedoeling, normaal gezien stonden alle singer-songwriters op dezelfde avond geprogrammeerd, maar omdat de datum niet lukte voor iedereen werd jij daar op de een of andere manier tussen de ‘zwaar mannen’ gekatapulteerd… (gelach)

Jochen: Ja, maar dat was ook wel leuk. Ik ken die mannen, ik kom ze tegen op café in Aalst. Dat zijn eigenlijk vrienden. Dus dat was heel gemoedelijk. Ik denk dat mensen die meedoen aan wedstrijden om te winnen alleen maar ontgoocheld kunnen zijn. Mijn insteek is: ik heb niets te verliezen.

Ruth: Wat hoop je dat mensen voelen wanneer ze naar jouw muziek luisteren?

Jochen: Ik hoop dat ze even kunnen wegdromen. Dat ze zin krijgen om naar buiten te gaan, om op reis te vertrekken of gewoon even stil te staan bij een herinnering.

Dat is volgens mij meer de boodschap dan dat ik iets maatschappijkritisch wil meegeven. Ik maak eigenlijk de muziek waar ik zelf graag naar luister.

Ruth: Vertel eens iets over jezelf dat bijna niemand weet.

Jochen: We zijn op zoek naar rare dingen he nu? Ik heb wel een paar rare dingen hoor, da’s geen probleem (lacht).

Eentje waar mijn vrienden maar niet kunnen aan wennen: Ik eet spaghetti… apart. Dus de pasta en de saus mogen elkaar niet raken. Ik weet dat dat niet ontploft als dat samenkomt, maar toch hou ik het gescheiden. Ik krijg daarover ook altijd dezelfde vragen, bv: hoe eet je dat dan op restaurant? Awel: NIET. Ik eet dan iets anders, want ik weet dat je dat daar gemengd krijgt.

Waar doe je je kaas dan op? Da’s nog zo een vraag. “Ik doe er geen kaas op” is dan steevast het antwoord.

En de derde vraag is dan meestal: doe je dat met lasagne ook. Maar neen, dat is niet het geval, dat eet ik gewoon.

Ik lust echt alles, en ik heb ook al geprobeerd om slierten en saus samen te eten, maar ik vind het gewoon lekkerder apart. Ik zeg altijd: het is niet omdat je graag wortelen eet en graag aardappelen eet dat het constant wortelstoemp moet zijn… je kan dat ook apart eten.

En nog eentje: in 2024 werd ik vierde op het Belgisch Kampioenschap “Carcassonne”, een gezelschapsspel, dat er uit bestaat dat je steden en wegen bouwt met tegels die je elk om beurt legt.

Ruth: Tot slot: waar droom je als artiest nog van?

Muziek is voor mij reizen. En reizen is inspiratie voor nieuwe muziek.

Wat bracht Dominique Willaert ertoe om zijn boek “Niet alles, maar veel begint bij luisteren” te schrijven? De aanleiding lag verrassend concreet. Na een eerdere, eerder theoretische publicatie over toenemende woede en maatschappelijk onbehagen in zijn boek ‘Dansen op een ziedende vulkaan’, werd hij uitgenodigd door een opbouwwerkster uit de Denderstreek om dat onbehagen ook in de praktijk te komen ervaren. Die ontmoeting vormde het startpunt van maandenlange gesprekken met bewoners, vaak mensen die zich niet gehoord voelen en zich door de politiek in de steek gelaten ervaren.

Ruth Souffriau: Wat bracht jou ertoe om een boek als ‘Niet alles, maar veel begint bij luisteren’ te schrijven? Was er een directe aanleiding, iets wat je opviel, waardoor je dacht: dit moet ik aankaarten?

Dominique Willaert: Hilde Verschaeve van SAAMO, een opbouwwerkster die in Denderleeuw actief was, zette mij op dat spoor. Ik ging op haar uitnodiging in en sprak met drie opbouwwerkers in Denderleeuw. Twee dingen vielen op. Ten eerste: de schrik van de traditionele partijen voor de hyena’s in maatpak, zo noem ik de Vlaams Belangers. En als tweede: heel veel mensen die zich in de steek gelaten voelen door de hogere overheden. Ik heb dan vrij snel intuïtief beslist om naar de Denderstreek te gaan en dan vooral om te luisteren naar mensen die op Vlaams Belang stemden of zouden stemmen.

RS: Wat is een opbouwwerker?

DW: Opbouwwerkers zijn heel actief in kwetsbare wijken. Ze brengen heel verschillende bevolkingsgroepen met mekaar in contact en proberen de sociale cohesie te versterken. Ze hanteren ook een rechtenbenadering. Ze informeren de mensen over welke rechten ze hebben en slaan zo een brug tussen de burger en het lokaal bestuur.

RS: In jouw boek wordt er geluisterd naar de gewone mens, de werkmens, de bejaarde, de allochtoon. Worden deze stemmen te vaak genegeerd?

DW: Een opvallende vaststelling zowel op mijn tocht door de Denderstreek als in Amerika was hoe graag mensen op verhaal komen. Ik heb de pech dat ik zo’n typisch links hoofd heb. Ik dacht dat er veel Vlaams Belang-kiezers zouden zeggen: met u wil ik niet babbelen. Maar niets was minder waar. Wat is wel heel belangrijk: mijn eerste gesprek was op een koffieterras in Ninove, met zes mannen. En zet drie of meer mannen samen, en ze geven show! Ge krijgt theater! Ik dacht: als ik diepe dingen wil te weten komen is een één op één gesprek veel interessanter. Dan pas kom je terecht in die diepere laagjes. Eén van die dingen was dat de lokale politici niet meer zichtbaar zijn. Vroeger gingen die bv heel vaak naar kermissen, naar bruiloften, naar een wielerwedstrijd… Ze waren aanspreekbaarder ook, omdat ze zitdagen organiseerden. Herman de Croo heeft dat zijn leven lang gedaan en Guy D’Haeseleer doet dat nu ook. Frank Beke en Daniël Termont gingen lang elke zaterdag door hun stad Gent. Ze kozen dan een wijk, belden aan, en vroegen hoe het ging. Ze schreven alles op maar deden geen beloftes, in tegenstelling tot Guy D’Haeseleer. Ze lieten wel hun ambtenaren van de bevoegde diensten uitzoeken wat er gedaan kon worden. Heel veel mensen nu hebben het gevoel dat naar de dingen waar zij mee zitten onvoldoende geluisterd wordt.

RS: Blijven politiekers te veel in een ivoren toren zitten momenteel?

DW: Daar wil ik geen populistisch antwoord op geven. Het is ook lastiger geworden momenteel hé. Ik denk dat besturen in vergelijking met vroeger een stuk technischer en een stuk complexer is. Ik wil daar voorzichtig in zijn. Maar dat is een grote uitdaging voor de politici van vandaag, om zowel lokaal, als regionaal als federaal een stuk aanwezig te zijn in de biotoop van de gewone mensen. Om te luisteren wat er leeft.  Niet alleen noden, maar ook dromen. De burger moet de politici niet alleen lastigvallen met klachten, zorgen, of noden. Je maakt deel uit van een democratie en je hebt ook dromen. Democratie is meer dan luisteren naar het gezaag van mensen. Democratie is ook dromen van welke straat welk dorp, welke stad willen we, en hoe kan ik daar zelf ook iets aan bijdragen. Dus ik pleit ervoor om die balans op te maken.

RS: Dus we moeten luisteren naar de burger, maar we verwachten ook dat die daar zelf iets gaan doen?

DW: Dat wil de burger zelf! Ik heb heel veel spontane voorstellen gehoord. Probeer als politicus ook zicht te krijgen op de kennis en de expertise van mensen. Op de rijkdom van mensen.

RS: Wat als er gevoelige thema’s aangesneden worden? Hoe blijf je objectief? Hoe hou je je eigen mening hierbuiten?

DW: Je geraakt daaraan gewend. Plus als je basishouding bestaat uit luisteren, en je niet als doel hebt om iemand te bekeren, dan lukt dat. Ik ben ooit maar een keer uit mijn rol gevallen.
Wat helpt als mensen rare dingen beginnen te zeggen is doorvragen. Zodanig dat mensen door uw vragen zelf een stukje beginnen na te denken en misschien tot de conclusie komen dat wat ze aan het zeggen zijn toch wat overdreven is. En ook: proberen te weten te komen via welke kanalen het mens- en maatschappijbeeld van mensen wordt gevormd. Je merkt bv. dat ouderen die eenzaam zijn heel veel info halen van internet. Dat schrijf ik ook in mijn boek: hoe meer belichaamde relaties, hoe gezonder en sterker de democratie. Een heel klassiek voorbeeld: cafés zijn zeer belangrijk in een democratie omdat in een goed draaiend café drie generaties langskomen: jongeren, volwassenen en ouderen. Ze lachen, ze zwanzen, ze delen hun bezorgdheden, ze maken ruzie, ze sluiten vriendschappen, ze troosten mekaar en ze zorgen ook voor mekaar. Dat gebeurt in vormen van belichaamde relaties. Op het moment dat je dat vervangt door internet krijg je totaal andere relaties. Eigenlijk zijn alle plekken met belichaamde relaties belangrijk voor de democratie. Een kantoor van de ziekenkas, van de vakbond, een café, een ontmoetingscentrum. Vroeger de kerk. Ze kwamen buiten en gingen een pintje drinken daarna, of ze gingen kaarten. Dat waren belangrijke rituelen.

RS: Dan valt me op dat dit nu net de dingen zijn die zo achteruitgaan, die verdwijnen.

DW: Vandaar ook dat er een relatie is tussen de achteruitgang van de democratie en het verdwijnen van al die plekken.

RS: Ligt dat aan de tijdsgeest?

DW: Neen, dat heeft te maken met technologische evolutie en dat heeft ook te maken met de besparingslogica. Men saneert al die dingen weg. In het kader van het neoliberalisme, dat al vier decennia een greep heeft op onze samenleving, zijn we in een soort efficiëntie-denken terechtgekomen. Dus alles wat niet opbrengt moet weg. Terwijl heel veel dingen die economisch niets opbrengen dat maatschappelijk wel doen! En dus heb je politici nodig die doorhebben dat economische welvaart uiteraard belangrijk is, maar dat maatschappelijk welzijn even belangrijk is. Mensen die zich goed- en thuis voelen in de wereld. En dat begint in je straat en in je dorp. Je thuis voelen in de wereld begint op lokaal niveau. Maar heel veel mensen voelen zich niet meer thuis.

RS: Ik heb persoonlijk heel veel moeite gehad om een stem te vinden bij andere culturen. Misschien is dat in de steden minder, maar hier in de Denderstreek liggen we echt nog ver uit mekaar. Welke eerste stappen kan een gemeenschap of vereniging zetten om die kloof te verkleinen?

DW: Dat heeft te maken met totaal andere referentiekaders, en het eerste wat we moeten doen is proberen zicht te krijgen op wat zij hebben als referentiekader. Hoe organiseren zij zich? Dat is veel informeler in vergelijking met ons. Ik heb heel veel mensen van kleur ontmoet die hard moeten werken om het einde van de maand te halen, die in flexibele uurroosters zitten, die meervoudig gekwetst zijn. Ik ga nooit het verhaal vergeten van de poetsvrouw met wie ik samen de bus nam en die gek werd van de stress. Omdat het openbaar vervoer zo slecht georganiseerd is, en omdat zij als zwarte vrouw wist dat het cliché leeft: dat zwarte mensen altijd te laat komen. Terwijl er buslijnen werden afgeschaft door ziekte, tekort aan chauffeurs. Dat wordt nooit besproken in het Vlaams Parlement met Annick De Ridder! Er zijn nog andere verklaringen, bv het feit dat je ook in de allochtone gemeenschap te maken krijgt met individualisering. Ook mensen met een migratieachtergrond zijn vooral bezig met zichzelf te realiseren, te ontplooien. En dat is een logische sociologische evolutie. Er zijn dus meerdere verklaringen waarom de samenleving op het platteland een stuk meer gesegregeerd is dan in de steden. Daar ben je bijna verplicht om samen te leven, omdat je ook letterlijk elkaars buur bent.

RS: Hoe kunnen lokale verenigingen, zoals ’t Uilekot een cultuur van Luisteren creëren, versterken?

DW: Die kunnen daar een hele grote rol in spelen, en dat zit ook in laagjes. Het feit dat vzw ’t Uilekot een café heeft. Dat is eigenlijk de eerste laag, waarin mensen een glas komen drinken en eigenlijk al op verhaal komen aan de toog. Maar je kan dat ook uitbreiden. Je kan vindplaatsgericht gaan werken en in de gemeenschap activiteiten opzetten waar je kan voelen en horen waar mensen mee zitten. Lokale besturen zouden veel meer gebruik moeten maken van een sterkere band met het middenveld. Maar het jammere is dat er heel veel vanuit wantrouwen wordt gewerkt. We zouden eigenlijk de relatie tussen burger en overheid moeten kunnen omzetten in een vertrouwensvolle relatie, en ik denk dat luisteren daar een grote rol kan in spelen. Luisteren is eigenlijk iets heel circulair. Dat is geen eenrichtingsverkeer. Dat is niet de politicus die plat op zijn buik moet en moet gaan luisteren naar de burger, het is ook de andere richting. De lokale overheden krijgen steeds meer opdrachten op hun bord geserveerd terwijl ze minder middelen krijgen. De burger weet dat vaak niet.

RS: Wat hoop of verwacht jij dat het project ‘Veel Begint Bij Luisteren’ in de Denderstreek teweeg kan brengen?

DW: Heel veel verwachtingen die ik had zijn ingelost. Namelijk een paar mensen in de streek hebben mekaar gevonden. Je zou kunnen zeggen dat ik een stuk dramaturgie voor deze streek heb ontwikkeld. ‘Plattelands-dramaturgie’, om een theaterterm te gebruiken. Wat doet een goeie dramaturg: hij gaat aan de slag met materiaal wat er al is. Dus ik heb goed geluisterd, een aantal verbanden gecreëerd en andere mensen de kans geboden om de voorzet die ik gaf binnen te koppen. Mensen die al lang actief zijn in de streek. Dat gaat over Filip De Bodt, dat gaat over Luc Barbé, over Geert Vandamme, Joke Claessens. Ik ben ook met heel veel bestuurders, ook nationale politici, gaan babbelen over mijn boek. En je merkt dat een paar inzichten in het boek hun wel raken.

RS: Is er iets in de huidige wereldsituatie wat jou hoop geeft? De verkiezingen in Hongarije? Of gaat de wereld naar de haaien?

DW: Dat de wereld naar de haaien zou gaan komt doordat de media in de extreemrechtse val trappen en alleen maar het apocalyptische nieuws brengen. De zoveelste waanzinnige uitspraak van Trump gaat veel meer clicks opleveren dan Ruth Souffriau die iets vertelt over de liefde en inzet voor haar streek. En er is ook een groot probleem met wat wij allemaal doen: de links-democratische mensen staren ook als konijnen naar de lichtbak! We gaan veel meer reageren op het nieuws van extreemrechts dan onze eigen verhalen te brengen. Wij hebben veel meer eigen infrastructuur nodig: mediakanalen, kranten, tijdschriften, waarin wij onze eigen verhalen, onze ideeën verteld krijgen aan onze achterban. De strategie van extreemrechts? Zij willen niets liever dan dat mensen angstig worden! Omdat een deel dan nog gemakkelijker overstag gaat richting extreemrechts. En dan hopen ze op een Messias, op iemand die het volk komt bevrijden. Maar zie wat er in Hongarije is gebeurd met de verkiezingen! Wat bijna niet kon is toch gebeurd: Magyar wint met 2/3 meerderheid. Door een zeer slimme campagne te hebben gevoerd. En dan zie ik diezelfde linkse mensen weer reageren en zeggen: ja maar, Magyar is even rechts, hij is conservatief. Een puur links progressieve politicus had geen enkele schijn van kans gemaakt in Hongarije. Dat is een conservatief land. Omwille van zijn geschiedenis en ook omwille van zijn geografie. Dat is iets wat mij diepongelukkig maakt: het gebrek aan strategisch inzicht aan de linkerzijde. Mensen moeten minder streven naar hun gelijk halen. Dus ik pleit fundamenteel voor nieuwsgierigheid als basishouding! Nooit stoppen met leren. Zet je eigen gelijk eventjes in de koelkast en leer van een ander zijn standpunt. Leg mij dat uit. Leg mij uit waarom die Magyar eigenlijk als enige kans maakte om die Orban van de troon te stoten. En waarom was en is dat het enige belangrijke: Orban moet weg.

RS: Is er nog iets waarvan je zegt dat zou ik nog graag zien gebeuren in dit project. Heb je nog een droom?

DW: Een droom die ik koester is dat we eigenlijk veel meer zouden moeten op zoek gaan naar de dingen die we delen. Ik noem dat: ons op slimmere manieren gaan organiseren. Een soort common creëren in de streek waarin mensen kennis en expertise delen. Proberen jonge mensen aan boord te krijgen. Dus ook luisteren naar jongeren. Op welk moment beslissen jongeren om al of niet aan boord te komen? Want wij hebben opvolgers nodig, en in het streven naar opvolgerschap moet je ook toelaten dat jonge mensen andere accenten gaan leggen. Omdat ze zich willen verhouden tot de tijd waarin zij leven. En niet alles moet op de schop, naar die mooie zin uit de internationale: sterft, gij oude vormen en gedachten…Als je een goede voorouder wil zijn moet je ook een paar oude gedachten durven laten sterven.

RS: Is er iets wat je nog zou willen meegeven aan de leden van ’t Uilekot en de lezers van dit Uilenbulletijn?

DW: Geloof in je eigen verhaal en breng dat veel meer tot uitdrukking! Ook dat is strategie van extreemrechts: ons alleen nog laten reageren op hen. Ik vind dat we veel meer tijd moeten vrijmaken om te zeggen: dit is de wereld waarin ik loop. En ‘practice what you preach’! Ik haal de meeste kracht uit mijn dagdagelijks werk. Elke dag krijg ik de kans om op een betekenisvolle manier om te gaan met andere mensen. En hen een stukje deelgenoot te kunnen maken van waarin ik geloof.

Ruth Souffriau

Ruth is projectmedewerker van vzw ’t Uilekot. Het project ‘Veel begint bij luisteren‘ loopt nog tot en met augustus 2026. Meer info via www.veelbegintbijluisteren.be

Dit artikel verscheen in de maand mei in ons kwartaaltijdschrift ‘Uilenbulletijn’ die leden thuis ontvangen. Wil je ook lid worden en zo onze werking steunen? Lees meer hier.

Op 22 maart bracht Hart boven Hard Geraardsbergen betrokken burgers samen om in gesprek te gaan over het samenleven in onze stad. Hoe maken we van Geraardsbergen een warme stad waar het goed leven is voor iedereen, was de centrale vraag. Dat deden we in een aangename context van een ontbijt met heerlijke korte keten en fairtrade producten. En met fijne livemuziek van Jonathan Muanza Keto, dankzij ‘Veel begint bij luisteren’.

Uit de eerste editie van deze burgerdialoog in januari 2025 kwamen volgende grote wensen: de nood aan ontmoetingsplaatsen; betere ondersteuning van mensen in armoede, ervoor zorgen dat iedereen kwaliteitsvol kan wonen; toegankelijke dienstverlening, ondersteuning van wie nog geen Nederlands spreekt, meer doen aan het overstromingsgevaar en burgers actief betrekken bij het beleid. Deze werden meegedeeld aan het nieuwe stadsbestuur. Het bestuur maakte ondertussen haar plannen voor de volgende zes jaar bekend. We namen deze onder de loep: wat zijn de belangrijkste beleidsopties en de concrete plannen en budgetten die daarmee verbonden zijn? Als we deze beleidsplannen aftoetsten met onze wensen botsten we op heel wat vragen en bezorgdheden. Vervolgens gingen we met de deelnemers dieper in op de verschillende thema’s aan werktafels, en de voorstellen zullen we opnieuw overmaken aan het stadsbestuur en de gemeenteraad. Heel wat aanwezigen engageren zich in verschillende initiatieven zoals Huurwinkel, Milieumeters en -peters, Babbelonië, ontmoetingsruimtes, Wereldwinkel, …  aan de warme en duurzame samenleving waar we van dromen.

Ontmoetingsruimtes en buurtwerking

Uit de eerste editie bleek dat er niet alleen nood is aan meer ontmoetingsplekken, gemeenschapsruimtes en buurtinitiatieven, maar vooral nood aan ontmoetingsruimtes voor en door bewoners, die gepaard gaan met een actieve buurtwerking. Een buurtwerking veronderstelt een budget voor coördinatie en activiteiten waar bewoners actief bij betrokken worden. Zo’n gemeenschapsruimtes bieden ook kansen om aan nabijheid van dienstverlening te werken. Ook wijkagenten kunnen een brugfunctie vervullen naar dienstverlening.

In de meerjarenplanning van het stadsbestuur staat dit vermeld onder de noemer ‘ruimte voor verenigingsleven in de deelgemeenten’. Het gaat vooral om een paar grote infrastructuurprojecten, met name de investering van 1,8 miljoen euro in het buurthuis van deelgemeente Schendelbeke en 1,6 miljoen in het buurthuis in Moerbeke. Daarnaast zijn er kleinere investeringen voorzien in 3 andere deelgemeenten. Er zijn geen plannen voor de elf andere deelgemeenten. Opvallend is dat het bestuur niet wil investeren in het Peperkoekenhuis, een buurthuis in Geraardsbergen centrum, in een wijk met hoge sociale noden. Er zijn ook geen budgetten voorzien voor een participatieve buurtwerking. We betreuren dat er enkel geïnvesteerd wordt in infrastructuur.

Ook in andere investeringen in openbare ruimte (bijvoorbeeld de heraanleg van het Stationsplein en Moerbekeplein waarvoor respectievelijk 4 en 1,6 miljoen gebudgetteerd is) liggen er kansen voor het integreren van sociale functies en ontmoetingsruimtes, maar de plannen zijn vooral gericht op uitstraling naar buiten, middenstand en toerisme. We hopen dat er nog ruimte is voor inspraak van bewoners daarover. Hetzelfde geldt voor de site Den Bleek waar in de vorige legislatuur omwille van ‘te hoge kosten’ het openbare openluchtzwembad afgebroken werd en nu 850.000 euro voorzien is voor de herinrichting en meer dan 900.000 voor renovatie van het gebouw op de site. Dergelijke plekken bieden een groot potentieel om in te zetten door en voor de gemeenschap. Anderzijds wordt er wel ingezet op controle van de publieke ruimte met een investering van 370.000 euro in extra camerabewaking, dus het zou mooi zijn om ook te investeren in de positieve aspecten van de publieke ruimte als gemeenschapsruimte.

Tegelijk werd het bedrag verminderd van de kleine subsidies voor buurt- en wijkfeesten en gezinsvriendelijke activiteiten, ondanks hun grote belang voor het versterken van het sociaal weefsel. Voor de stad gaat het om kleine bedragen van enkele honderden euro, die voor initiatiefnemers wel het verschil maken.

Armoede en wonen

Geraardsbergen kampt met een hoog armoedecijfer. Vooral in het centrum is de problematiek te vergelijken met die in een grote stad. We communiceerden naar het nieuwe stadsbestuur dat we waarderen dat ze de strijd tegen armoede hoog in het vaandel draagt. Om een kentering te bekomen is een versterking van het armoedebeleid nodig. Dit vergt een structurele aanpak zoals uitbreiding van sociale diensten, meer openbaar vervoer, de woonproblematiek aanpakken in samenwerking met inwoners. Het vraagt ook toegankelijke en laagdrempelige dienstverlening, bijvoorbeeld via snelloketten, en het proactief toekennen van rechten. Armoede is sterk verbonden met wonen, de stad dient meer inspanningen te doen om gezonde en betaalbare huisvesting te voorzien en (crisis)opvang voor wie dak- of thuisloos is. Het Lokaal Armoedeoverleg deed gelijklopende aanbevelingen aan het bestuur.

We hebben ondertussen heel wat vragen en bezorgdheden bij de plannen van het bestuur die nu concreter zijn geworden. Het stelt als doelstelling ‘ondersteuning van kwetsbare burgers met focus op onderwijs, werk en huisvesting’, maar er worden amper extra middelen voor vrijgemaakt. Het bestuur stelt dat over de legislatuur het aantal mensen dat leefloon krijgt stabiel moet blijven. We zijn bezorgd hoe men dit wil realiseren nu er heel wat nieuwe aanvragen komen door de beperking van werkloosheid tot 1 jaar. Men stelt de verwachting dat 20% van wie een leefloon ontvangt binnen het jaar werk heeft. Hoe wil men dit realiseren zonder stevige investeringen in ondersteuning?

Men noemt het belang van gezinscoaches en brugfiguren in het onderwijs, maar de samenwerking met SAAMO voor twee onderwijsopbouwwerkers werd stopgezet. Ook de samenwerking met Home Start Vlaanderen, dat buddy’s matcht met gezinnen in een kwetsbare situatie, is stopgezet.

De volgende passage in de meerjarenplanning ‘Het is duidelijk dat de maximale draagkracht van onze stad is bereikt.’ baart ons grote zorgen. We vrezen dat het beleid er eerder op gericht zal zijn om minder mensen te ondersteunen, dan om elke burger ten volle van diens sociale rechten te laten genieten en een blijvende uitweg uit armoede te ondersteunen.

Ook de aanpak van dakloosheid wordt vermeld zonder er extra middelen voor te voorzien. Er wordt niet geïnvesteerd in extra doorgangswoningen, in crisisopvang voor daklozen. Men rekent op de samenwerking met de sociale woonmaatschappij en andere diensten om deze problemen aan te pakken.

Het is positief dat men sneller een leegstandtaks wil heffen. We missen echter een structureel beleid rond betaalbaar en menswaardig wonen. Een maatregelen die het bestuur kan nemen is onder meer het aanbod huurwoningen vergroten en zo betaalbaar houden. Via het toepassen van het sociaal beheersrecht en voorkooprecht kan het leegstaande woningen verwerven, laten renoveren (bijvoorbeeld via sociale tewerkstelling) en sociaal verhuren. Ook eigenaars kunnen ondersteund worden om renovaties uit te voeren, op voorwaarde dat de woning sociaal verhuurd wordt. De weg naar ondersteuning op vlak van wonen kan laagdrempeliger worden via een centraal woonloket. De stad kan actiever informeren, adviseren en begeleiden rond wonen en meer inzetten op housing first en de preventie van uithuiszetting. Ook ingrijpende gevolgen van verlies van leefloon op de woonsituatie kunnen vermeden worden.

Toegankelijke dienstverlening, taalbeleid en inclusie

De dienstverlening is vaak moeilijk toegankelijk en mensen kennen hun rechten niet. Digitale afspraken zijn een extra barrière en er is onvoldoende persoonlijke ondersteuning. Heel wat inwoners vinden de weg niet. Kwetsbare mensen moeten zich voortdurend verantwoorden en krijgen vaak met een beschuldigende houding te maken. Wij pleiten er dan ook voor dat wie hulp nodig heeft kan rekenen op de begeleiding die nodig is om deze hulp ook effectief te krijgen.

Het taalbeleid wordt te vaak een struikelblok voor mensen om hun rechten te kunnen uitoefenen. Hoe kan je werken aan de kennis van het Nederlands zonder mensen te verliezen, en de wetenschappelijk bewezen rijkdom van meertaligheid als voordeel te behouden? In plaats van sanctionerend op te treden, krijg je betere resultaten door in te zetten op ondersteuning en laagdrempelige informatieverspreiding. Met de nodige info en advies op maat, kunnen ook mensen die nog Nederlands moeten leren zich welkom voelen en wordt hun integratie juist bevorderd. Er moet wederzijdse bereidheid zijn om inspanningen te doen, maar kennis van taal als voorwaarde stellen voor sociale hulp, woning of sociale tewerkstelling werkt contraproductief.

Een positieve maatregel van het stadsbestuur is dat inwoners opnieuw zonder afspraak kunnen langsgaan in het administratief centrum. De investeringen in het Digipunt in de bibliotheek en activiteiten in verschillende deelgemeenten kunnen bijdragen aan het verminderen van de digitale kloof. Verder wordt het verbeteren van de toegankelijkheid van dienstverlening jammer genoeg beperkt ingevuld: door het verhuizen van de stadsdiensten naar één locatie en door een nieuwe website te ontwikkelen.

Er is meer nodig om drempels te verlagen. We noemden hoger al buurtwerking, gezinscoaches en brugfiguren. Positief is de aandacht voor het aanbod van taalstimulering en oefenkansen Nederlands. De passage ‘we stellen scherpe verwachtingen op vlak van integratie’ verontrust ons echter. Beperkte kennis van het Nederlands mag mensen nooit uitsluiten van sociale rechten. We stellen ook voor om de communicatie van de stad in eenvoudige taal te voorzien en de tolkendienst Babbelplus beter bekend te maken bij Nederlandstalige inwoners én nieuwkomers. Het bestaande systeem van ‘toeleiders in diversiteit’ kan uitgebouwd worden tot een buddysysteem dat open staat voor iedereen (nieuwkomers en locals) die ondersteuning nodig heeft bij verbinding en ondersteuning in het publieke leven (onderwijs, zorg, justitie, stedelijke administratie, socio-cultureel weefsel).

Klimaat en overstromingsgevaar

De dreiging van zware overstromingen is een grote bezorgdheid bij de inwoners van Geraardsbergen. Er zijn dringende maatregelen nodig om inwoners te beschermen tegen klimaatrisico’s. In de meerjarenplanning vinden we een aantal positieve maatregelen zoals de investering van 2 miljoen euro in de aanleg en verbetering van fietspaden, de opmaak van een regenwaterplan, maar een omvattend klimaatplan met voldoende investeringen ontbreekt.

Het strategisch plan ‘Ruimte voor Water’ van de provincie is een goed startpunt voor een weerbare Dender, en ook de ambitienota voor het stadscentrum oogt veelbelovend. Wij verwachten nu echter dat deze plannen effectief worden uitgevoerd, met een duidelijke prioriteit voor een robuust en veerkrachtig watersysteem.

De inzet van de subsidies in het kader van dit plan voor de afbraak van de voormalige CM-gebouwen en de aanleg van een groene parkingzone is een vreemde keuze. Dit project lijkt ons niet prioritair om het acute overstromingsgevaar tegen te gaan. De ontharding van zo’n beperkte oppervlakte draagt daar onvoldoende toe bij. Dringender is het creëren van ruimte voor water, stroomopwaarts, voor de Dender het stadscentrum binnenstroomt. 

Burgerparticipatie

Wat ook duidelijk te horen viel was de wens dat het nieuwe bestuur meer zou luisteren naar inwoners en hen actief betrekken bij het beleid. In het bijzonder inwoners die in een precaire situatie zitten. Deze laatste groep is vaak moeilijker te bereiken. De stad kan hier een grotere inspanning leveren door burgerparticipatie laagdrempeliger en inclusiever te maken. Dit betekent actief op zoek gaan naar mensen met verschillende perspectieven, hen ondersteunen om deel te nemen en hun stem daadwerkelijk au sérieux nemen.

In haar meerjarenplanning vermeldt het stadsbestuur wel het belang van samenwerking met de burgers, maar burgerparticipatie blijft over het algemeen te oppervlakkig. Inspraak wordt nog te veel gereduceerd tot het presenteren van beslissingen waar burgers commentaar op kunnen geven waar al dan niet mee rekening wordt gehouden, terwijl er goedwerkende methodes bestaan om gemengde burgerpanels te laten meewerken aan plannen, of die zelf oplossingen formuleren op bepaalde vraagstukken. Er zal een digitaal participatieplatform ontwikkeld worden, wat niet inclusief is. We betreuren ook dat het jaarlijkse budget voor burgerprojecten sterk verminderd werd ten opzichte van de vorige bestuursperiode.

Dirk De Wit en Joke Claessens

Dirk en Joke zijn actief in Hart boven Hard Geraardsbergen.

Dit artikel verscheen in de maand mei in ons kwartaaltijdschrift ‘Uilenbulletijn’ die leden thuis ontvangen. Wil je ook lid worden en zo onze werking steunen? Lees meer hier.

In de zomer van 2026 en vanaf woensdag 8 juli, serveert ’t Uilekot in gemeente Herzele voor een ruimere keuze aan bieren van de Herzeelse Brouwerij Van Den Bossche. Je kan genieten van Pater Lieven Wit, Pater Lieven Bruin, Buffalo Bitter, Lamoral en op ’t vat is er Buffalo Export. Hiernaast heb je ook keuze uit 4 alcoholvrije bieren, faire koffie en thee, sprankelende limonades en cocktails en mocktails.   

Elke weekend is er ook livemuziek op ons zomerterras in Herzele. Na de aftrap, op vrijdag 3 juli met Dizzy Fingers (country-rock) tijdens de avondmarkt, is er vanaf zondag 12 juli tot en met eind augustus livemuziek vanaf 17u.

Hierna zorgt voornamelijk regionaal talent verbonden aan ons project ‘Veel begint bij luisteren’ voor livemuziek.

Willie Jacob and the Velvet Cat, winnaar van de muziekwedstrijd ‘Goeie Vangst’ brengen blues rock, zondag 19 juli is er het maandelijks muzikaal vrij podium Bluesy Jams en hierna is het de beurt aan de 7-koppige band Dysphunktional die psychedelische funk brengen. In augustus zorgen Jonathan Keto en Jethro Mogratana voor Congolese afrovibes, Jaunk, het Aalsters muziekcollectief, speelt funkjazz, Jan Oelbrandt en Mieke Duyschaever zorgen met hun zang en pedalsteel voor echte nostalgische zondagmuziek, Klanꓘ, het duo bestaande uit Jan Ducheyne en Peter Bultijnck, zoekt de grenzen op van spoken word en elektronica en als afsluiter op zondag 30.08 hebben we klepper Floris Francis Arthur (solo) te gast die Indie-folk brengt.

De muziek start telkens om 17u en het café is doorlopend open van 16u tot 23u.

Locatie: ’t Uilekot, Groenlaan 41, Herzele.

Na weken vol spanning is het moment eindelijk aangebroken: de winnaars van onze muziekwedstrijd Denderklanken zijn bekend. Intussen zijn we alweer ruim een maand verder sinds het laatste live-moment van de wedstrijd, en velen zaten ongetwijfeld op hete kolen om te weten wie er met de prijzen aan de haal ging.

Denderklanken werd georganiseerd voor alle artiesten die geregistreerd stonden op ons platform. Uiteindelijk waren dat er maar liefst 52! Daarvan gaven 23 kandidaten aan effectief deel te willen nemen aan de wedstrijd.

Na een digitale voorronde selecteerde een professionele jury negen artiesten die mochten doorstoten naar de 3 live-optredens.

De vakjury die onze kandidaten beoordeelde, bestond uit:

Rita Roelandt – Gastzangeres bij James Cook, jarenlang actief in coverbands en voormalig zangeres in de liveband van Willy Sommers. Vandaag treedt ze voornamelijk op met diverse bigbands.

Herwig Deweerdt – Theatermaker met een indrukwekkende carrière, bekend van onder meer Vuile Mong en de Vieze Gasten en het jeugdtheater Stekelbees. Momenteel actief als regisseur bij De Verdammte Spielerei.

Jan Oelbrandt – Songwriter en muzikant die samenwerkte met onder meer Sarah Ferri, Tijs Vanneste en Guy Swinnen. Daarnaast bracht hij muziek uit onder de namen DobroJean en Oelbrandt.

Ulrich Van Impe – Afgestudeerd als Meester in de Muziek aan het Lemmensinstituut en actief in grote musicals zoals Jesus Christ Superstar, Cats, Les Misérables en Grease. Daarnaast verzorgde hij percussie voor de Vlaamse Opera en diverse Belgische orkesten.

De geselecteerde finalisten waren:

  • Jarno
  • Yasmin Vandamme
  • Lottie
  • Elke van Boekenkoek
  • Kapitein Morgen
  • Lena Ivanova
  • Trekhaak
  • Gasm
  • Spring Creek Revival

Tijdens drie sfeervolle live-avonden kregen zij de kans om zich van hun beste kant te laten zien aan zowel jury als publiek.

Videomaker Diederik De Mezel van The Movie maakte van alle artiesten sfeervolle foto’s en van elke voorronde een mooie samenvatting, die je via onderstaande links nog eens kan bekijken.

 Het Bruggenhuis (Geraardsbergen)

’t Uilekot (Herzele)

Pasta & Blues (Zottegem)

Maar waar het uiteindelijk om gaat, na alle optredens en jurybeoordelingen, is wie de uiteindelijke winnaar is!

En de eindstand werd:

Op de derde plaats, met 199 punten: Yasmin Vandamme

Op de tweede plaats, met 203 punten: Lottie

Spring Creek Revival wist de jury het meest te overtuigen en mag zich met 206 punten de grote winnaar van Denderklanken noemen.

Als winnaar ontvangt Spring Creek Revival een professionele videoclip van één nummer, een compilatie van alle gebrachte nummers, een uitgebreide fotoreportage voor promotionele doeleinden en een optreden op een groot podium.

Dat laatste werd ondertussen concreet: singer- songwriter Jochen Keymeulen mag op 20 augustus in Aalst optreden tijdens de Parkfeesten, waar hij het voorprogramma verzorgt van Mama’s Jasje.

De volledige winnende videoclip kan hier bekeken worden: https://vimeo.com/manage/videos/1196750170/b055055326

Niet alleen de jury had een stem in het verhaal. Ook het aanwezige publiek kon tijdens de verschillende optredens stemmen op zijn favoriete artiest.

Dat leverde een bijzonder spannende strijd op. Uiteindelijk eindigden Yasmin Vandamme en Trekhaak exact gelijk met 25 stemmen. Om een winnaar aan te duiden werd gekeken naar de punten van de vakjury. Daar behaalde Yasmin net iets meer punten.

Ook Yasmin ontvangt een professionele videoclip van één nummer, een compilatie van alle gebrachte nummers, een fotoreportage voor promotionele doeleinden en een optreden in ’t Uilekot, waarvan we mochten genieten op de avond van het slotfeest.

De volledige winnende videoclip kan hier bekeken worden:

Met 23 deelnemende artiesten, negen sterke finalisten en drie geslaagde live-avonden kijkt Denderklanken terug op een bijzonder fijne wedstrijd. We bedanken alle artiesten, juryleden, partners, vrijwilligers en bezoekers die van deze wedstrijd een onvergetelijke ervaring hebben gemaakt.

Alle info: www.veelbegintbijluisteren.be

De muziekwedstrijd Denderklanken is vandaag van start gegaan.

In kader van het regionaal Denderproject Veel begint bij Luisteren van vzw ’t Uilekot gaat in april de wedstrijd Denderklanken door. Tot nu toe hebben zich 53 groepen geregistreerd op de projectwebsite www.veelbegintbijluisteren.be Hiervan hebben 23 groepen (solo of band) bevestigd deel te nemen aan de wedstrijd.

Dit zijn ze:

A Light In The Dark (Pop); Brogus (Rock); Cherman & the Alliance (Singer-Songwriter); Druppel (Kleinkunst); Dysphunktional (Funk); Elke van bOEk&kOEk (Kleinkunst); GASMM (Rock); JARNO (Pop); JetBlack Smile (Rock); Kapitein Morgen (Nederlandstalig); KenMny (Singer-Songwriter); Konnies (Nederlandstalig); KRÆNG (Rock); Lena Ivanova (Wereldmuziek); Lottie (Pop); NoMaGuRa (Rock); Pretty Ugly People (Rock); Spring Creek Revival (Singer-Songwriter); Trekhaak (Rock); Vintage Fourest (Pop); Yasmin Vandamme (Singer-Songwriter); ZenStorm (Rock) en Zorgeloos Blues (Blues).

Uit al deze ingeschreven bands maakt de vakjury nu een voorselectie op basis van hun ingestuurd beeld- of geluidsmateriaal. De namen van de 9 geselecteerde bands worden bekend gemaakt op 3 april. Zij krijgen dan de kans om live op te treden en maken kans op een professionele video, fotoreportage en/of podiumplaats in de regio.

Hou alvast deze data vrij:

vrijdag 24 april, 20u: Het Bruggenhuis (taverne-muziekcafé, Majoor van Lierdelaan 50, Geraardsbergen)

zaterdag 25 april, 20u: vzw ’t Uilekot (Groenlaan 41, Herzele)

donderdag 30 april, 20u: Pasta & Blues (Gentse Steenweg 139, Zottegem)

Gratis inkom.

Publiek is er van harte welkom om te stemmen en te supporteren.

Meer info kan je hier lezen op onze projectwebsite.

Met ons leesbevorderingsproject ‘Goed Geboekt’ kochten wij in 2024 in samenwerking met Avansa boeken aan met mooie korte verhalen en gedichten, en dit in meerdere exemplaren. Zo had elke deelnemer een ‘echt boek’ vast en kon die de tekst mee volgen of zelf luidop of in stilte lezen. 

Sinds 2026 kunnen nu ook bibliotheken, middelbare scholen, leesclubs of Samen Lezengroepen deze boeken gebruiken tijdens hun activiteit. 

Werk je mee aan een dergelijk initiatief in de Denderstreek? Contacteer ’t Uilekot en reserveer de boeken aan een kleine bijdrage. 

De voorbije maanden gaven we met Goed Geboekt mensen weer wat meer zin om een boek vast te nemen. In boekhandel Beukeboom Snuffelhoekje kwamen een 20 tal mensen luisteren naar de uiteenzetting van Dominique Willaert over zijn nieuw boek ‘Wat nu?’.

Chris De Smedt organiseerde in kader van de Dag van de Trage Wegen een Filosofische Tragewegenwandeling. Eenentwintig mensen liepen mee in Sint-Antelinks. Ze hadden het onderweg over de zin en onzin van grenzen, over de waarde van trage wegen en over wandelende filosofen. Intussen bracht De Smedt het boek ‘Overpeinzingen van een trage wandelaar‘ uit. In deze essaybundel (136 p.) gaat ze op zoek naar wat de verbondenheid mens-landschap met ons doet. De relaties tussen wandelen en verwondering, creativiteit, aanvaarding, bewustwording en persoonlijke groei worden erin uitgediept. De tekening op de cover verwijst naar de wandelingen die ze bij wijze van intermezzo toevoegt tussen de essays door. Te koop aan € 21.

We gingen tussen de activiteiten door af en toe tweedehandsboeken in het station van Zottegem leggen en verspreidden ook Ta Da!-poëziekaartjes.

Op 31.10.2026 in Erpe-Mere kwamen mensen luisteren naar de voorstelling van de dichtbundel ‘Onvoltooid verloren tijd’ van Joris Buckinx. Singer-songwriter Mance Robert zorgde voor toepasselijke songs. Heel sfeervol allemaal, georganiseerd door Mens(en)werk.

Met het ‘Samen Lezen’ waren we nog op zoek naar het beste moment van de week, een woensdagavond of een zondagnamiddag. Tijdens de editie op 12.11 werd er opnieuw gekozen voor een weekavond. De volgende editie gaat dus door op woensdag 17.12, om 20u. We willen dit ook verder laten lopen, ook na het project van Goed Geboekt. Dus in 2026 hoor je opnieuw van ons.

Francine Mestrum vertelde op donderdag 13.11 over haar boek ‘Maak armoede illegaal’, een stevig dossier dat niet zo gemakkelijk uit de doeken te doen is. Lezen die handel dus.

En dan was er ‘Want straks komen de wolven’ de debuutbundel van Liesbeth D’HokerNicolas Kummert zorgde tussendoor, met saxofoon en elektronica, voor de muzikale noten. Telkens heerlijk toch die combinatie van woord en muziek. Na de voorstelling hebben de 25 aanwezigen gezellig nagepraat met een drankje.

Er stond ook een gratis workshop ‘Voorlezen aan mensen met dementie’ op de planning. De vorige editie, ook in samenwerking met Bibliotheek Herzele, was volzet, waardoor er nog een extra editie ingepland werd in De Pastorie in Ressegem. Ook Sien Lievens kwam nogmaals aan bod. Deze herboriste stelde haar prachtig geïllustreerd kruiden-verhalenboek ‘Betoverende Botanie’ voor in woonzorgcentrum vzw De Bron te Zottegem. Ze kan zo sappig de verhalen vertellen dat je in het boek zelf zou willen kruipen. Als afsluiter van de maand november hadden we de auteur Wouter Bulckaert te gast met zijn Band of Kevins. Bulckaert bracht verhalen gebaseerd op zijn boek ‘Beter dan Bowie‘. We maakten via verhalen en muzike kennis met Kevin Coyne en Kevin Ayers, twee van de dertien muzikale iconen die in zijn boek staan vermeld. 

We verwelkomden op vrijdag 5 december meer dan 50 mensen in De Palaver in Denderleeuw. ‘Denderblues?’ was een organisatie in samenwerking met Samen op weg en zorgde voor een avondvullend programma. Luc Barbé las voor uit de boeken ‘Wie zei daar marginaal?’ en ‘Niet alles, maar veel begint bij luisteren’, Geert Jan Beeckman bracht zijn poëzie, de lokale coverband Sisters on Sofa zorgde voor muziek én je kon een gedeelte van de expo ‘(Ge)Zichten op de Denderstreek’, met foto’s van Yasmina Besseghir en Freddy Willems, bezichtigen. 

In Ninove organiseren we op zondag 14 december in samenwerking met Denderhoop het programma ‘Auteurs onder de Boom’. Een namiddag waarop elk talent een andere snaar raakt: sociaal, artistiek, muzikaal of gewoon menselijk. Het wordt zo’n dag waarvan je achteraf zegt: “Blij dat ik erbij was!” We starten om 14u met ontvangst en een boekenbabbel. Om 15u stelt Erik Vlaminck (columns Brieven van Dikke Freddy) zijn roman ‘Het Nachtlicht’ over dak- en thuisloosheid voor. Om 16u maak je kennis met Jeroen Janssen en Areezo Moradi, die ‘Landloos als de wind’, een diepgravende, getekende reportage hebben gemaakt. Om 17u hebben we een muzikaal intermezzo door de Ninoofse singer-songwriter Floris Francis Arthur (Indiefolk). Als afsluiter brengt Hind Eljadid, die vorige maand als winnaar uit de bus kwam voor de Prijs voor Mensenrechten, spoken word en slam poetry. De presentatie is in handen van Katrien Vande Perre en doorlopend kan je terecht aan een info- en boekenstand, een tapasbar en kan je de expo ‘(Ge)Zichten op de Denderstreek’ bekijken. Dat laatste is dan weer in kader van ons project ‘Veel begint bij luisteren’. Meer info en inschrijven hier

Op woensdag 17 december is er nog een editie ‘Samen Lezen‘ en op zondag 21 december verloten we onder alle aanwezige muziekliefhebbers van het muzikaal vrij podium Bluesy Jams (16u – 20u) 3 boeken ‘Beter dan Bowie‘ van Wouter Bulckaert.   

Dit is pas het begin. Laat jouw scherm wat vaker aan de kant liggen, neem een boek op en stap in die wereld waar alles mogelijk is, van fictie tot non-fictie. Een wereld vol geschiedenis en avonturen met helden, ridders, (b)engeltjes en doorleefde mensen.

Een zitplaats voor onze activiteiten kan je reserveren op de webpagina van de respectievelijke evenementen, via www.goedgeboekt.be Alle boeken en nog veel meer zijn ook te koop via de coöperatieve winkel Eco & Fair, Groenlaan 31, Herzele. Of bestel het per mail en laat het jou mits verzendingskost opsturen: info@ecofair.be

Op zondag 13/07/’25, het eerste officiële terrasconcert van deze zomer in ’t Uilekot, kwam een heel energieke, kleine, blonde dame ons podium opgesprongen. Na het concert kreeg ik de kans om even in gesprek te gaan met deze uitzonderlijke en moedige dame. Ze zingt, heet Lena Evanova en woont in Zottegem.

Wie is Lena Ivanova?

Ik ben Lena Ivanova, zangeres uit Oekraïne, uit de stad Tsjernihiv. Ik ben getrouwd met Ivan, en we hebben 3 kinderen. In Oekraïne, voor de oorlog, had ik een rockband, al meer dan 15 jaar.
We waren als 1 grote muzikale familie. Ik ben zanglerares en ik geef ook gitaarles en ik ben een singer-songwriter. Ik schrijf mijn eigen liedjes. Hier in België heb ik Alain Vanclooster ontmoet op een concert in Dilbeek voor andere Oekraïense vluchtelingen hier in België en sympathisanten. Ondertussen zijn we 3 jaar goede vrienden. Hij vertaalt mijn  teksten in het Nederlands en ik leer hem om te zingen in mijn taal. Dus zelfs hier in een ander land ben ik aan het zingen. Dat zingen heeft me gered van depressie, van donkere gedachten. Want uiteraard is het heel moeilijk om alles achter te laten. We zijn naar België gekomen met enkel mijn gitaar, onze drie kinderen en de nodige documenten. We hadden zelfs geen geld bij.

Dus jullie moesten bij wijze van spreken alles laten vallen en van het ene op het andere moment vluchten?

Ja, want we moesten heel snel beslissen of we zouden vertrekken of niet. Russische soldaten gaven niet vaak een ‘corridor’ weet je wel. 12 dagen zaten we in een kelder met de kinderen. We waren daar niet alleen, ook mijn vrienden waren daar. Dus in totaal waren er 7 kinderen, 2 grootmoeders, 2 katten, 3 honden, … En toen belden mijn broers. Mijn broers zijn soldaat en beschermden onze stad. Zij zeiden dat we de kinderen moesten redden want dat het echt heel erg gevaarlijk aan het worden was. De nacht ervoor hadden de Russen de school gebombardeerd, en die stond amper een paar huizen van ons gebouw verwijderd. Ik dacht echt dat onze kelder kapot zou gaan, zou breken, het was verschrikkelijk. Weet je, voor de oorlog  geloofde ik niet zo erg in God. Ik ben katholiek, maar niet zo heel erg religieus. Gedurende die 12 dagen hebben we elke dag gebeden. En ikzelf ben er absoluut van overtuigd dat God ons gered heeft. Want het is een echt mirakel in mijn ogen dat wij uit Oekraïne kunnen vluchten zijn op dat moment.

Na de verwittiging van mijn broers wilden we direct vertrekken, maar we mochten niet van de soldaten, want de Russen hadden de ‘corridor’ gesloten en lieten niemand meer door. En we moesten dus terugkeren. Ik had al meer dan 12 dagen mijn moeder niet gezien, want we zaten in de schuilkelder bij mijn vriendin Maria. Terwijl ik naar mijn moeders huis ging om mijn papieren te halen hoorden we dus het bericht dat we toch niet mochten vertrekken en dat we in onze eigen kelder moesten schuilen. Dat was verschrikkelijk want ons gebouw telde 4 verdiepingen, en alle mensen uit ons gebouw + de mensen uit het gebouw voor ons moesten schuilen in onze kelder. Dat was de eerste keer dat zoveel mensen, kinderen, oude mensen, op de vloer bij elkaar zag. Dichtbij was een huis gebombardeerd en alle ramen in ons gebouw waren gebroken. Dus de mensen hadden de ramen proberen dichtmaken met dekens en hout en kasten, en daardoor was het heel donker binnen. Het was echt een heel angstaanjagende dag en nacht.

De volgende dag zeiden mijn broers, oké, jullie kunnen vertrekken! In de eerste auto zat mijn oudste broer. Onze auto was door de bombardementen heel erg gehavend. De voorruit was volledig gebroken en werd bij mekaar gehouden door ‘scotch’ (plakband). Ook de verwarming was kapot en het was echt verschrikkelijk koud, want het was putje winter. Normaal gezien is het van mijn stadje tot in Kiev maar 2 uur rijden, maar nu, in deze situatie deden we er een hele dag over. We reden in een colonne van 8 wagens met de kinderen bij ons. We hadden met gele plakband op het dak en de zijkanten van de wagen in het Russisch ‘kinderen’ geschreven in de hoop dat dat hen zou tegenhouden ons te bombarderen.

En toen kwamen we aan in Kiev, in Brovary, en daar werd gevochten. Dus bleven we 4 uur in de auto wachten, en naast ons passeerden de tanks. Dat waren onze soldaten die op weg waren om hulp te bieden. Toen schreeuwde mijn broer: iedereen terug in de auto’s, we moeten weg. En we reden terug naar mijn stad, en ik was de hele tijd aan het wenen, omdat ik aan de schuilkelder dacht, en hoe lang we daar nog zouden moeten blijven, en hoe veilig we waren.

Maar nee, halfweg op de terugweg namen we nieuwe, vreemde wegen die ik niet kende, en we kwamen in allemaal kleine dorpjes waar ik nog nooit van gehoord had. Overal waren wachtposten met soldaten. En na de hele dag rijden kwamen we ’s avonds dan eindelijk toch aan in de hoofdstad Kiev.

Het eerste wat me opviel en wat ik heel raar vond was dat in Kiev ’s avonds de lichten aan waren in de huizen! In mijn stad leefden we al meer dan 2 weken in het duister en heel stilletjes, want als er licht door de ramen kwam kon je sterven, kon je gedood worden door de Russen. Dus we kwamen aan in Kiev en we vroegen vol ongeloof: “Jullie winkels zijn open? En waarom hebben jullie de lichten aan in je huizen? Dat is gevaarlijk!” Een persoon antwoord me: ‘Neen, dat is geen probleem, hier wordt niet gevochten, dat is ver weg…’ Dat was toen, want nu is de situatie daar helemaal anders, nu is het omgekeerd. Nu is het in Kiev heel gevaarlijk. Poetin valt onze steden nu meer aan dan in het begin! Jullie moeten dit weten!

In de ochtend kwam mijn broer en zei: “oké, nu mogen we verder en het is tijd om naar het treinstation te gaan. Ik ga jullie helpen om op de trein te geraken en naar Polen te gaan”. En hij heeft ons geholpen, we zijn in Polen geraakt.

Dat was weer een mirakel, want in Polen ontmoette ik een Belgische journaliste! Deze Belgische journaliste, Layla Aerts, vroeg of ik een interview kon geven. En daar heb ik haar verteld over mijn thuisstad Tsjernihiv, en ik heb haar mijn foto’s getoond van de gebombardeerde gebouwen en hoe we in de schuilkelders zaten. Ze zei dat als we ooit hulp nodig hadden ik haar mocht mailen en dat ze een familie voor ons zou zoeken in België.

Ik stak haar mailadres in mijn zak en vergat het eerlijk gezegd een beetje. Maar dan, nadat we 2 weken in Polen waren begon ik te begrijpen dat er nog geen einde in zicht was voor deze oorlog. Ik dacht altijd dat het niet lang zou duren, maar ik was fout. Ik voelde me niet volledig veilig in Polen, en ik herinnerde me opeens de journaliste en ik besloot om haar een brief te schrijven. Ze zei onmiddellijk: oké, kom maar, ik heb een familie gevonden! En dat is hoe mijn man en ik en onze 3 kinderen in een heel fijne familie hier in België terechtkwamen. Koen Christiaens en zijn vrouw met hun 4 kinderen namen ons in huis en toen we daar toekwamen was het ongelofelijk, want aan de muren hingen onze foto’s van onze trouw en de foto’s van onze kinderen, en blauwe en gele lichtjes. Het was echt ongelofelijk, en ook deze mensen ben ik zo dankbaar. Want ik begrijp dat het niet makkelijk moet zijn om zoveel mensen in huis te nemen uit een ander land, van wie je de taal niet verstaat, die je niet kent.

En dan heb ik Alain Vanclooster ontmoet. Hij zei tegen mij: Lena, ik wil een boek schrijven over de Oekraïense vluchtelingen, mag ik jou interviewen. En dus gaf ik mijn tweede interview. We zijn nu al meer dan drie jaar vrienden hier in België, we hebben samen veel concerten gedaan en veel goeie, positieve momenten gehad waarover je kan lezen in zijn boek over de oorlog (‘De vlucht van de Ooievaars’ door Alain Vanclooster – uitgeverij Partizaan).

Gelukkig dat je hier terug bent kunnen starten met muziek maken en optreden

De eerste aan wie ik vertelde dat wij muzikanten waren was Layla Aerts. En toen we bij de familie van Koen Christiaens toekwamen waren daar al gitaren. Ze brachten speciaal voor ons een piano. Mijn man Victor speelt contrabas en zij zorgden ervoor dat hij terug kon spelen. Er was een orkest waar ze een contrabas nodig hadden en Victor heeft daar 2 jaar kunnen spelen! Het was een orkest in Halle. Ik heb gezongen met dit orkest voor hun Kerstconcert. Het was de eerste keer in mijn leven dat ik dit deed. En het was eigenlijk een droom van mij in Oekraïne om met zo een orkest te kunnen zingen. Dus eigenlijk is België voor mij een land waar mijn dromen uitkomen. Maar natuurlijk mis ik mijn band uit Oekraïne enorm. Mijn rockband en mijn vrienden-muzikanten! We hadden een groep van vijf muzikanten: mijn man speelt basgitaar en contrabas, naast ons waren er nog een gitarist en een drummer, en mijn beste vriendin Anastasia als violiste. Wij deden alles samen, ook kinderen krijgen! Zij is naar Oostenrijk gevlucht en zal daar binnenkort trouwen. De kans dat we ooit weer gaan samenspelen is bijzonder klein, zo goed als onbestaande. Dat maakt mij heel verdrietig.  Ik mis haar enorm. Gelukkig had ik mijn gitaar meegenomen! Het feit dat ik mijn gitaar uit Oekraïne heb meegebracht, maakt haar onvervangbaar. Ik koester ze en verzorg haar heel goed. Ik leef van en voor muziek. Zonder gitaar sterf ik. Ik heb ook nog een paar witte laarsjes uit Oekraïne waaraan ik heel erg gehecht ben. 

Zou je graag opnieuw les geven hier in België?

Ik zou heel graag weer zanglerares zijn, en de laatste 3 jaar ga ik elke zaterdag naar Brussel naar een organisatie die ‘Ukrainian Voices Refugee Committee’ heet. Het is een organisatie voor Oekraïense vluchtelingen, en daar geef ik les aan. Maar natuurlijk zou ik heel officieel als muzieklerares werken. Weet je, dit jaar heb ik gewerkt aan de kunstacademie in Zottegem, maar dat was vooral om de Nederlandse taal te oefenen. Ik werkte daar niet als leerkracht. Ik mocht enkel de leerkrachten helpen, toezicht houden op de veiligheid van de kinderen. Maar ik denk niet dat ik in schoolverband zou willen werken. Ik kan niet werken onder iemand, daarvoor heb ik een veel te sterke persoonlijkheid en ik hou te veel van mijn vrijheid.

Nu in Zottegem hebben jullie een eigen appartement, jullie wonen niet meer bij een gastgezin?

Ja, we hebben ondertussen ons eigen appartement. We hebben een jaar bij Koen en Sandrine gewoond, maar dat was tijdelijk en na een half jaar begonnen ze toch aan te dringen om een andere woonplaats te zoeken. Toen begon een verschrikkelijke zoektocht vol hindernissen. Omdat we 3 kinderen hebben, 1 jongen en 2 meisjes, en er in België een wet is dat we dan 3 slaapkamers moeten hebben, probeerden we dan ook om een huis of appartement te vinden met 3 slaapkamers. We hebben heel veel huizen en appartementen bezocht, maar de eigenaars zeiden nooit ja tegen ons omdat we een grote familie zijn en geen officiële job hadden. Er zijn hier duidelijk te weinig goedkope woningen voor grote gezinnen. Als we geïnteresseerd waren in een woning of appartement, dan werden we telkens geconfronteerd met tien tot twintig andere kandidaten. De eigenaars vroegen meteen onze loonfiches. Wij, als groot gezin dat leefloon krijgt van het OCMW, werden altijd afgewezen…  We staan op de wachtlijst voor een sociale woning, maar kregen te horen dat we zeker meer dan vijf jaar zullen moeten wachten! Via het OCMW konden we dan toch verhuizen naar een noodwoning in Zottegem. Nu ben ik blij dat mijn man hier een job heeft voor de stad. Natuurlijk in ons thuisland was hij ‘luthier’, hij repareerde violen, cello’s, contrabassen,… Hij heeft 10 jaar gewerkt om zijn atelier op te bouwen en door de oorlog is hij alles kwijt. Zijn droom-job is en blijft violen bouwen en instrumenten repareren, maar we hebben voor nu geluk gehad want hij kan werken in de fietsenherstellingsplaats. Op deze manier heeft hij een soort van officiële job, maar we willen mensen vinden die zijn ‘gouden handen’ nodig hebben. In ons land speelde hij bas en contrabas in mijn rockbands, en hij is ook uitvinder! Hij heeft voor het eerst op de wereld een instrument uitgevonden, een soort versterker die aan een basgitarist complete vrijheid geeft op het podium. Hij kan rondlopen, hij heeft geen versterker nodig. Het is gemaakt van papier-maché en gerecycleerde onderdelen. Het is dus heel licht en geen enkel probleem om op je rug mee te dragen.

Waar droom je van voor de toekomst, zowel voor jezelf als voor je familie?

Ik droom van teruggaan naar mijn land zoals het voor de oorlog was.  Maar ik besef meer en meer dat dit land niet meer bestaat, dat Oekraïne voor altijd veranderd zal zijn.  Eerst dachten we dat we hier enkele maanden zouden zijn, daarna enkele jaren… Nu, na drie jaar, weet ik het niet meer. Misschien blijven we hier voor altijd en keren we alleen nog naar Oekraïne terug om familie en vrienden te bezoeken, maar niet meer om er te wonen. Het doet me heel veel pijn dat ik mijn moeder al drie jaar niet heb gezien. Gelukkig is er internet! Met Poetin zal het nooit meer veilig zijn in Oekraïne. En natuurlijk willen we onze kinderen een veilige toekomst geven: een diploma en werk, een eigen gezin en een gelukkig leven. Het zal voor ons volwassenen heel moeilijk zijn om hier een echt goede job te vinden, maar we blijven hoopvol en doen ons best om te integreren. 

Ruth Souffriau

projectmedewerker ‘Veel begint bij Luisteren‘, ’t Uilekot

Met ons project Goed Geboekt zaten we de voorbije maanden niet stil.

Eind juni waren we te gast in De Warme Meente in AalstSien Lievens, auteur en herboriste, vertelde er sappige verhalen over de herkomst (van de namen) van verschillende kruiden. De combinatie van haar technische kennis en de wijze waarop zij vertelt zorgde ervoor dat we met haar boek in de hand huiswaarts keerden. 

In augustus gaven we ruimte aan literaire concerten op ons terras. We vlogen er stevig in met Nel & JP die poëzie met punkmuziek combineerden. De teksten maatschappijkritisch, het smaakte naar meer. De week nadien bracht Herwig Deweerdt met zijn ‘Poppenkast van Plaisance’ de voorstelling ‘Koekebrood’ op Statiekermis Herzele, een alternatieve versie van het sprookje ‘Sneeuwwitje’. In de vooravond was het opnieuw aan ’t Uilekot te doen, met Nest poëzieband, een eerder ingetogen voorstelling die in feite beter paste binnen in ons café. Soms kan je er niet aan uit en gaan fijne geluidjes en subtiele teksten te veel verloren in het zachte geroezemoes van een terras. Halfweg augustus serveerden we TEN ADEM, de muziekgroep rond woordkunstenaar Barthesque. Hij bouwde op van stil naar luid, en dan weer stiller. Spelen met woorden, muziek die aanzwelt en dan weer speels verdwijnt. Op zondag 24.08 was het tijd voor Tamara Rosseel. We vroegen haar om haar voorstelling ‘Links van de Liefde’ te brengen, maar dan doorspekt met literaire citaten en speelse Nederlandstalige zinnen. Plezierig was dat. En dan was het al de laatste zondag van augustus. Peter Holvoet-Hanssen bracht in duo met accordeonist Sebastian Enriques plezier en kwaliteit. Peter deelde songteksten uit, kreeg ons aan het zingen, zwierde magistraal met woorden en armen, gaf ons zin naar meer. We kregen achteraf van een vaste klant te horen dat hij niet wist dat poëzie zo leuk kan zijn. ’t Zal wel zijn! 

En als toemaatje hadden we begin september Les Rimbauds, waarbij Derek en Bruno Deneckere de gedichten van Rimbauds op muziek brachten. Gezellig en mooi. Een perfecte afsluiter van een plezierige zomer. Met een extra ‘dankjewel’ voor onze geburen die de voorbije maanden onze muziek ook in hun achtertuin hoorden. 

In WIJSgeBoekt bij huisvandeMens Zottegem ging het over ouder worden en De Lezende Paling had bij Jefke Don Vitalski te gast. 

Half september hadden we nog een samenwerking met Huis Van De Mens Zottegem. Lara Taveirne vertelde over hoe haar boek ‘Wolf’, waarin de zelfdoding van haar broer aan bod komt en Jeroen Theunissen over zijn nieuw boek ‘Een week’, dat verhaalt over de laatste week van iemand die gekozen heeft voor euthanasie. Moderator Filip, onze boekenvrijwilliger, zorgde voor een goede mix van ernst en humor. Het geheel werd muzikaal opgeluisterd door Mance Robert, met songs uit zijn CD ‘Achter de wind’. Bij de song ‘Lochristi’ zong het publiek zelfs mee, “want uiteindelijk zijn we allemaal gelijk en gaan we op het einde naar ‘Lochristi”. Mocht je niet in de regio wonen… in Lochristi is een crematorium. Sommige songs van hem zijn zo toepasselijk bij het thema, echt mooi die verwevenheid van literatuur en muziek. 

We hebben nog meer activiteiten in petto voor jullie. Hier alvast een tipje van de sluier: 

Do. 16.10, 20 u: Voorstelling boek Dominique Willaert “Wat nu?” in Boekhandel ‘Beukeboom Snuffelhoekje’, A. Rodenbachstraat 79, Denderleeuw. 

Zo. 19.10, 9u45: Filosofische Tragewegenwandeling (start: Parochiezaal Sint-Antelinks)

Vr. 31.10, 19u30: Voorstelling dichtbundel ‘Onvoltooid verloren tijd’ door Joris Buckinx (Mensenwerk Aaigem)

Za. 15.11, 20u30: Dichtbundel ‘Want straks komen de wolven’ met auteur Liesbeth D’Hoker en saxofonist Nicolas Kummert (’t Uilekot, € 10 incl. drankje)

Ma. 24.11, 19u: Workshop ‘Voorlezen aan mensen met dementie’ (LDC ’t Ryckbosch, Herzele, gratis)

Je kan de aankondiging van onze activiteiten ook bekijken via onze facebookpagina Goed Geboekt.